Bloed, zweet en drumsolo’s

Damien Chazelle – ‘Whiplash’ – Film – 19.03.2015, 20u, Cinema Zed

Hoewel een donderdagavond sinds jaar en dag een populaire ‘cinemanight’ is, kon de tot de nok gevulde zaal in Cinema Zed niet louter aan het handige tijdstip gelegen hebben. In het kader van het evenement ‘Leuven Jazz’ stond deze sensatie van het afgelopen jaar geprogrammeerd als jazzfilm bij uitstek. En wát voor een sensatie, wát voor een jazzfilm! ‘Whiplash’ was van begin tot einde een muzikale wervelstorm, waarin heel de zaal werd meegezogen en die met het swingend inzetten van de aftiteling een collectieve zucht van verrukking aan de toeschouwers ontlokte. De film bruiste niet alleen van energie, maar bezat daarnaast ook de magische kracht om die door de zaal te laten vibreren, waardoor ik – en ik niet alleen – regelmatig onwillekeurig op mijn stoeltje zat te wipp(lash)en.

Van ingewikkelde plotlijnen of dramatische intriges moest deze film het niet hebben; op zich was de verhaallijn heel rechttoe rechtaan: Andrew, een jonge drummer aan het conservatorium van New York wordt tijdens het repeteren ‘ontdekt’ door de meest beruchte leraar op de school, Terrence Fletcher, die hem als jongste van de band opneemt in het jazz-ensemble. Daar mag hij eerst de partituurpagina’s omslaan van de vaste drummer, tot hij echter de kans krijgt zichzelf te bewijzen en er na zeer hard werken – we zien acteur Miles Teller meer dan eens tot bloedens toe de stokken stukslaan op zijn drumset – in slaagt zijn plaats te verdienen op de felbegeerde drumkruk. Maar Terrence Fletcher zou Terrence Fletcher niet zijn als hij Andrew niet steeds opnieuw op de proef zou stellen met nog snellere ritmes, nog ingewikkeldere tempowisselingen en vooral: nog meer psychologische uitdagingen. Deze titanische leraar – volgens velen speelt acteur J. K. Simmons hier de rol van zijn leven – deinst er namelijk niet voor terug Andrew – en bij uitbreiding iederéén die  niet aan zijn eis tot absolute perfectie voldoet – de huid vol te schelden, te kleineren, of zelfs trommels en cimbalen naar z’n hoofd te slingeren. Toch geeft Andrew niet op en bijt zich vol overgave vast in zijn droom het respect van Fletcher af te dwingen en de beste drummer van de wereld te worden.

Als kijker zijn we getuige van Andrews lange lijdensweg naar de top, en de glorie van het moment dat al dat bloed, zweet en tranen beloond worden. Maar deze film is veel meer dan een gratuite feelgood movie over ambitie en succes. Op een meesterlijke manier wordt de haat-liefde verhouding tussen leraar en leerling in beeld gebracht, waarbij de zweet- en bloeddruppels bijna voelbaar van voorhoofd en cimbalen spatten. Dat we heel de film door ook nog eens getrakteerd worden op heerlijke jazztunes, met meeswingende camera, maakt van deze prent een niet te missen muzikale en filmische parel.

“If you don’t have ability, you end up playing in a rockband”, staat er op een poster boven Andrews bed te lezen. The road to the top is a rocky one? No, no: a jazzy one, certainly a jazzy one!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s