Vergeet De Mol, kijk naar de Koningin Elisabethwedstrijd

De jeugd van tegenwoordig troept samen om in groep naar De Mol of Temptation Island te kijken. Een (brakke) wifi-verbinding, een laptop en enkele zakken chips volstaan voor een avond vol spanning en vertier. Maar nu is er een nieuwe verleiding, want de Koningin Elisabethwedstrijd wordt live uitgezonden.

Elk jaar zorgt de Koningin Elisabethwedstrijd voor een muzikaal hoogtepunt in de wereld van de klassieke muziek. Tijdens een olympische krachtmeting van meerdere weken strijden de kandidaten voor een plek op het podium in Bozar. Dit jaar zijn dat zangers, andere jaren staan pianisten, violisten en cellisten op de scène.

Het is een van de weinige momenten in het jaar dat klassieke muziekliefhebbers zich rond de buis verzamelen om naar muziek te kijken. De Elisabethwedstrijd is dan ook niet te vergelijken met de weinige andere klassiekemuziekuitzendingen, zoals pakweg het nieuwsjaarsconcert (nogal voorspelbaar) of de sporadische passages van Marc Erkens (nogal kort) in Culture Club.

Nee, de Koningin Elisabethwedstrijd, dat is televisie van een ander kaliber. Dat is spanning van begin tot eind. Zwetende zangers onder de spots (als echte sporters worden ze na hun prestatie met een handdoek in de coulissen opgewacht), analyses en commentaren van kenners (zoals de onevenaarbare Katelijne Boon) en – natuurlijk – de beste opera-klassiekers uit je boxen.

Geheel in De Mol-stijl hebben de kenners hun pronostiekje al klaar (een top vijf op een vodje papier) dat ze na elke ronde weer kunnen bijstellen. Een zeventienkoppige jury maakt dat niets te voorspellen is: tot de laatste aflevering zal je op het puntje van je stoel zitten om te kijken of je favoriete kandidaat het haalt.

De Elisabethwedstrijd is een serie met vijf afleveringen: de halve finales (4 en 5 mei) en de finales (10, 11 en 12 mei) worden rechtstreeks uitgezonden. Muziek beleef je meestal best in een concertzaal, maar een televisieuitzending heeft ook zo z’n voordelen: je hoeft je gsm niet uit te zetten, je ziet de zangers van dichtbij, je kan tijdens de stukken over je deskundige oordeel discussiëren met je vrienden, je hoeft niet te wachten op een pauze voor een biertje, je kan erbij gaan liggen, en – misschien wel het allerbelangrijkste – je kan alle opera-aria’s luidkeels meebrullen met de kandidaten (best wel overleggen met je kotgenoten).

Ook als je weinig opera op je iPod hebt staan, zijn de uitzendingen van de Elisabethwedstrijd een belevenis. Het is misschien wel dé gelegenheid om wat aria’s te leren kennen, zeker als je na al die jaren het Eurovisiesongfestival (dat overigens ook op 12 mei wordt uitgezonden) wel beu gekeken bent.

Eén dag voor de mol bekend zal zijn, weten we wie de Elisabethwedstrijd 2018 wint. Ik beloof je: de finale van de Elisabethwedstrijd wordt spannender dan die van De Mol. Daarom: blokkeer de finaleavonden in je agenda, nodig vrienden uit en haal wat hapjes in huis. Tip voor een optimale beleving: koppel een box aan je laptop en koop vooral géén chips.

Echt waar, misschien is het wishful thinking, maar ik voorspel een nieuwe trend: vandaag en volgende week drommen studenten samen rond een scherm voor de Koningin Elisabethwedstrijd.

Emmanuel is een van deZES|lesSIX en volgt de Koningin Elisabethwedstrijd voor Canvas, Klara en Musiq’3. Volg deZES|lesSIX via Facebook. Bekijk alle afleveringen via deze link.

IMG_6811

Foto’s © Emmanuel van der Beek

Advertenties

Een pittige improvisatiederby der lage landen: Preparee vs. Kaaswol

Wat hebben stiekeme kinderarbeid achter de schermen van Loempialand en het vervolgverhaal “Nemo op het droge” met elkaar gemeen? Ze ontsproten allebei aan de fantasie van het Leuvense improteam Preparee en hun Nederlandse collega’s Kaaswol, tijdens hun gezamenlijke show in de Pieter de Somer-aula vorige woensdag. Wat bedoeld was als een bloedstollend duel en evengoed kon uitdraaien op een thuismatch voor Preparee, werd vooral een vriendschappelijk onderonsje. Waarin ook het publiek koning was.

29873360_10155642927332545_7525932745198336820_o

Lees verder

UUR KULTUUR met een dansende filosoof: Noé Soulier voert Faits et Gestes op

Aan de linkerkant van het podium in de Soetezaal van het STUK staat een klavecimbel. Het gezelschap koos dus op zijn minst gezegd voor een origineel muziekinstrument. De vrouw achter het klavecimbel zit met haar rug naar het publiek toe en geeft met behulp van Johan Jakob Froberger en Bach een extra dimensie aan de voorstelling. De barokke klanken zorgen voor rust bij het publiek en ongetwijfeld ook bij de dansers zelf, omdat ze dan even niet naar hun eigen gehijg moeten luisteren. Toch staat de muziek helemaal niet centraal, of beter gezegd: ze is er de helft van de tijd niet. De dansers begeleiden elkaar dan door middel van het geluid van hun blote voeten op de vloer en af en toe zelfs een krakend gewricht.
com_dans_foto_noe_soulier_faits_et_gestes_web_1_c_chiara_valle_vallominiDe gestes blijven nogal abstract. Als kijker ga je op zoek naar herkenbare uitbeeldingen, en dan begrijp je soms plots dat er zich een onzichtbare voetbal bevindt tussen de vier dansers. Eén van de vijf mensen op het podium roept een ingebeelde vriend (of vijand) op het matje, maar een verhaal is er niet van te maken. Het zou gemakkelijker te begrijpen zijn als er enige vorm van verbale versterking aan te pas kwam.

Moeilijk te volgen, dus, zo af en toe. Het sterkste punt van Faits et gestes is wanneer de dansers zich gezamenlijk op de grond laten vallen, niet voorzichtig maar toch elegant. Vandaaruit voeren ze dan een vaste frase uit, een soort refrein dat doorheen de voorstelling verschillende keren terugkomt. Alle vier de dansers doen hun eigen ding en wanneer ze tegen elkaar opbotsen, volgen ze elkaar in hun bewegingen. Dan bewegen ze zich verrassend synchroon voor een tel of vijf, en gaan dan weer hun eigen weg.noe_soulier_-_faits_et_gestes_c_chiara_valle_vallomini_2

Op het einde van de voorstelling is er één spot die vanuit de coulissen lijkt te komen en zijdelings op het podium schijnt. Het doet denken aan de deur van een gezellig verlichte kamer die openstaat. Een smalle streep podium is verlicht, voor de rest is er niets van het donker te onderscheiden. In die lichtbundel is enkel Noé zelf zichtbaar terwijl hij op de grond ligt. Er is, zoals wel vaker bij hedendaagse dansopvoeringen, geen afgebakende structuur in de vorm van begin-midden-slot. Wanneer het licht plots uitgaat en zo het einde van de voorstelling aangegeven wordt, duurt het even voor het publiek doorheeft dat het voorbij is, en daardoor komt het applaus aarzelend op gang.

Noé Souliers werk komt uit een niche die voor niet-professionelen of leken in het algemeen moeilijk te vatten is. Wie bekender is met de stijl, denkt daar misschien anders over.

Foto’s: Chiara Valle Vallomini
Wat? Faits et Gestes / Wie ? Noé Soulier / Waar ? STUK Soetezaal / Wanneer? Donderdag 26 april 2018 / Hoeveel? €16, met Cultuurkaart €12

‘Waar er geen verband is, zijn er ook geen letsels’

Onbevreesd in 30 CC

Onbevreesd vertelt het verhaal van een ramp in maar liefst tien zinnen. Het stuk dramatiseert de nefaste effecten van een lelijke vaas en relativeert dagelijkse beslommeringen als een vliegtuigcrash.  Hugo Matthysen en zijn fantasie hebben zich weer even laten gaan. Gelukkig maar, want van zo’n meesterlijke ramp had het 30CC-schouwburgpubliek afgelopen dinsdag niet gespaard willen blijven.

44e2c380-8116-482e-88f2-0ff1f46dffa1

Hugo Matthysen, artistieke alleskunner en bezieler van het stuk, licht het verhaal kort toe. Onbevreesd is tot stand gekomen volgens de nieuwste technieken in de theaterwetenschap: de golftheorie. De titel is namelijk ook het eerste woord van het stuk. Als er daarentegen voor het laatste woord was geopteerd, had het stuk Kasteel geheten. In dat geval was de spanningsboog te groot geweest. Daarom leek het eerste woord een veiligere keuze. Als het publiek dan het woord ‘Onbevreesd’ hoort, gaat er een golf van opluchting door de zaal. Bedankt, Hugo. Tot zover de golftheorie.

De tiendelige zinnenreeks waarvan sprake begint met ‘Onbevreesd liepen Afzelia en Palisander door het donkere woud, en eindigt met ‘Ja, want het is nog een heel eindje lopen naar het betoverde kasteel.’ Het zijn Karlijn Sileghem en Tine Embrechts die de malle jonkvrouwen gestalte geven. De ramp  die zich ergens tussenin afspeelt wordt via alle mogelijke perspectieven nader toegelicht. Het is ongelooflijk hoeveel persoonlijke verhalen een vliegtuigcrash bij elkaar brengt. Het gaat allemaal om mensen zoals u en ik: een psycholoog met een lelijke vaas, een binnenhuisarchitecte met vliegangst, ramptoeristen met zelfmedelijden en Karlijn en Tine in hoogsteigen persoon. Bij wijze van hulp benadrukken de spelers meermaals hoe ingewikkeld de verschillende niveaus van verhaal wel niet zijn. Het geheel wordt op tijd en stond ondersteund door een lied. Ronny Mosuse, Hugo Matthysen en Aram Van Ballaert spelen de pannen van het dak met nummers als: ‘Er was veel te veel drank in de Ardennen’ en ‘Oh, wat was die ramp een ramp’.

Het stuk is knotsgek, maar geniaal. Een vulkaansceremonie, Ronny Mossusse’s meesterlijke intermezzo over dagsoep en totale chaos, stuk voor stuk elementen die de filosofie achter Onbevreesd benadrukken. Want: ‘waar er geen verband is, zijn er ook geen letsels’.

maxresdefault.jpg

ONBEVREESD (MET VIS)| 24 april 2018 | 30 CC schouwburg | vanaf 15 euro, 20% korting met cultuurkaart|  Meer info? Klik hier voor de website

 

 

Tussen genderneutrale toiletten en “ik heb zoiets van”: een eigenzinnig muzikaal avontuur met Maud Vanhauwaert

“Maak jij maar iets waarop niemand zit te wachten.” Met die missie stuurde een docent aan het conservatorium dichteres Maud Vanhauwaert de wijde wereld in, vertelde ze onlangs in een interview op Radio 1. Bijzonder wijze, maar allesbehalve profetische woorden voor de vrouw met de titel van Antwerps stadsdichter op zak sinds januari én een uitverkocht Wagehuys aan haar voeten deze dinsdagavond. In Mijn punt is eigenlijk ging ze samen met muzikale compagnons de route Geert Waegeman en Tom Kestens op zoek naar het midden tussen poëzie, stand-up comedy en cabaret. Met de glimlach van iemand die nog lang en gelukkig ernaar wil blijven zoeken.

5f1469cb62fd2701e8d05709f27a82f3-Mijn_punt_is_eigenlijkcJimmy_Kets

Regel één van het Maud Vanhauwaert-universum: niets is wat het lijkt. Wie enigszins vertrouwd is met haar oeuvre – sinds de verborgencamerapoëzie waarmee ze argeloze voorbijgangers overviel in Iedereen Beroemd praktisch iedereen – weet dat maar al te goed. Een onschuldige “gelieve uw telefoon uit te schakelen” aan het begin van de voorstelling escaleerde al snel tot een overdaad aan serieuze en minder serieuze levenswijsheden, van het niet-of-net-wel-expres knisperen met snoeppapiertjes tot de mogelijkheid dat de persoon met wie ik ooit onder een grafsteen zal belanden misschien wel op enkele meters van me verwijderd kon zitten – maar het is oké, “gelieve u hier geen zorgen over te maken”. Ook het publiek bleef allesbehalve gespaard van die spitsvondigheden: de man naast me, die ervan overtuigd was dat zijn plaats op de laatste rij hem zou behoeden voor ongewenste interactieve momenten, was eraan voor de moeite. Zelfs in teksten die de vierde wand en het traditionele idee van poëzie wel netjes intact lieten, lag achter elke hoek een verrassingseffect op de loer. Elke iets te melige quote werd een fractie van een seconde later kurkdroog doorprikt met een ironische opmerking, een postmodernistische kwinkslag volgens het boekje van elke letterenstudent. Waegeman en Kestens gingen hierin mee door enkele usual suspects in elke Classics 1000 en Lage Landenlijst te parodiëren en switchten even enthousiast tussen sobere kleinkunst en vrolijke synthesizers als tussen hun verschillende instrumenten. Lees verder

Warhaus, of hoe je Het Depot op zijn kop zet

Een concert van Warhaus is altijd een verrassing. Maarten Devoldere slaagt er elke keer opnieuw in om samen met zijn band een performance neer te zetten die iedereen wakker schudt. Want hoeveel concertjes zien we wel niet op een jaar die exact zijn wat we er van verwachten? Warhaus vernieuwt, experimenteert en verrast.

Als voorprogramma zagen we Sylvie Kreusch, vriendin van Maarten en sidekick van de band, die naar eigen zeggen haar eerste solo optreden gaf. Debuutsingle ‘Seedy Tricks’ kwam een week geleden uit en werd vol lof ontvangen. Live mochten we genieten van een intense sfeer met de nodige sensuele en roodkleurige dans- en lichtshow. Of het de sound van het jaar is kunnen we niet zeggen, maar stilstaan was geen optie. Sylvie schreeuwt beweging en seks.

Het tweede album van het soloproject van Maarten Devoldere, frontman van Balthazar, kwam reeds in oktober uit onder de verrassende naam ‘Warhaus’. Afgelopen dinsdag zakte de band af naar het Leuvense Depot. ‘Bedankt aan iedereen die hier is in plaats van in een fakbar’, sprak Devoldere.

Met haar dat net iets langer was dan we gewoon zijn, kwam Maarten het podium geschuifeld. Jasper Maekhelbergh zagen we deze keer niet op het podium, al stond hij wel in de zaal. ‘Well well’ beet de spits af, en hoe. Een afwisseling van nieuwe en oude nummers vormde een spetterende setlist. Naar goede gewoonte bereikte het muzikaal spel een eerste hoogtepunt tijdens de vrije versie van ‘Beaches’ en die lijn van overwelmende sounds werd doorgetrokken. We hoorden onder andere Kreusch, I’m not him, Dangerous op verschillende manieren gebracht en voor je het wist naderde de show het einde.

Doorheen de hele show heerste er een energieke, maar familiale sfeer. Nog meer dan we gewoon zijn van de band spatte het plezier er van af en dat reflecteerde op de zaal. Of was het omgekeerd, en putte de band hun energie uit het laaiend enthousiaste publiek -waar Maarten zijn nonkel duidelijk deel van maakte?

Bij de vraag naar een verzoeknummertje klonk er luid en duidelijk ‘Machinery’ uit de zaal, wat uw recensente zeker kon bekoren. Frontman Devoldere bedankte de band, zijn nonkel en de enthousiast dansende fan uit het publiek waarna hij afsloot met, niet geheel onverwacht, Mad World. Nog één keer slagen Maarten en co. er in het publiek helemaal los te krijgen en de boel te laten ontploffen. Uitgelaten en tevreden verlaten ze het podium, maar komen al snel terug. Met ‘een break up song’ deze keer. ‘Fall in love with me’ vervulde de harten van de fans met liefde.

Die liefde sprak Maarten dan ook uit met zijn geheel at random mededeling ‘Love is in the air’. Waarna het publiek elkaar in de armen vloog onder begeleiding van John Paul Young’s meesterhit.

31290112_10156471697561349_776168592604397568_o

© Lotte Torsin – Het Depot

24/04/2018 – Warhaus – Het Depot

 

Je wil niet alles weten

Met De Allesweters brengt CampusToneel een voorstelling die balanceert op de dunne grens tussen sciencefiction en dystopie.

Een druk op de sensor achter je linkeroor volstaat om door al je herinneringen te scrollen. Want daar zit de Memo-chip, verbonden met je brein, die al je indrukken registreert.

Voor CampusToneel schreef Sam Rijnders een tekst gebaseerd op een aflevering uit Black Mirror, een serie waarin sciencefiction akelig dicht komt bij de non-fictie van vandaag.

Memo registreert alles. Een leuk feestje beleef je zo opnieuw, geen verkrachter gaat nog vrijuit. Louis (Jonas De Leeuw) zal zich later moeiteloos zijn eerste kus met Nana (Mathilde Geysen) voor de geest kunnen halen.

Wij hebben Facebook, de allesweters hebben Memo. Het doel is hetzelfde: herinneringen vastleggen en delen. Een avondje uit herbeleef je met vrienden, een vroegere verovering in bed (want ‘iedereen scrolt toch weleens door zijn greatest hits?’).

Maar Memo is een panopticum, waarin je steeds bespied wordt, ‘alsof alles voor de bühne is’. Wanneer Louis zijn Memo-data niet laat inkijken tijdens een sollicitatiegesprek, wordt hij niet aangenomen en op het moment dat Nana haar herinneringen aan een jeugdliefde liever verborgen houdt, is ze per definitie verdacht.

De relaties tussen de personages komen onder hoogspanning te staan als boven water komt dat vertelde herinneringen geregeld een loopje nemen met de waarheid. Memo liegt niet: het is de sterkte van de techniek en tegelijkertijd de katalysator van een dramatische ontknoping. Tegenover de zoekende personages staat de goedlachse Hanne (Ruth Ieven). Zij heeft de chip laten verwijderen en straalt.

Het relaas is slim opgebouwd. De onheilspellende sfeer zit al in de proloog, waarin een werknemer van Memo haar product komt voorstellen, en gaat in crescendo naar het slot. Steeds vaker grijpen de personages naar de sensor achter hun linkeroor: de plot wordt een opbod van herinneringen.

Er ontstaan op het podium twee werelden: die van het heden en die van het verleden, de personages worden ontdubbeld. Dat is de vondst die het stuk ook op scène zo sterk maakt: tegenover elk reëel personage komt een met pixels beschminkte acteur te staan, die onder een felwitte spot de herinneringen speelt.

Die parallelle werelden ontploffen als twee donderwolken in een climax die tegelijk voorspelbaar en adembenemend is. Dat Louis met een aardappelmes uiteindelijk de chip wegsnijdt voelen we aankomen, maar de bevestiging op amper een meter van het publiek schreeuwt nog eens in ons gezicht wat we niet willen horen: op een bepaald moment gaat de techniek er met ons vandoor.

De Allesweters (CampusToneel) speelt nog op zondag 29 april (20:30) in 30CC/Wagehuys in het kader van Amateurama (info). Gezien in STUK op 17 mei 2018. €8 / €6 (student) / €5 (Cultuurkaart)

 

Sam 7