Tender Men – Koen De Preter

“Tederheid is discreet, niet-analytisch en tolerant, tedere bewegingen zijn gericht op zacht aanraken en zacht koesteren.” Zo omschrijft psycholoog Nico Frijda het thema van het nieuwste stuk van Koen De Preter. ‘Tender Men’ gaat over de schoonheid en het ongeremde van een aanraking, over de misverstanden die ze oproepen en over het opzoeken en verbreken van grenzen in genderrolpatronen.

Spots verlichten de dansvloer, een verwachtingsvolle stilte maakt zich van ons meester. Het is dinsdagavond 20 oktober in het STUK en mensen zijn haast vergeten hoe het voelt om aangeraakt te worden. Iedereen zit hier om te kijken hoe dat er nu weer uitziet, affectie, intimiteit. Tussen mannen weliswaar. Want hoe ziet dat er eigenlijk uit? Hoe ziet het er uit om onze ongeschreven regels rond gender, en de daarbij horende lichaamshoudingen, overboord te gooien en zich gewoonweg te bewegen als ‘mens’?

De eerste blikken zijn naar ons, het publiek, gericht. Ik kijk terug en onze ogen raken elkaar. De dansers verkleinen de afstand in de zaal en laten ons toe om hen aan te kijken, te aanschouwen hoe zij circulerende bewegingen maken, elk losstaand van elkaar, elk in hun eigen identiteit. En dan is er die eerste aanraking, er speelt een soort verwondering waarin we ons allemaal kunnen terugvinden. Aftastend zoeken ze hoe ze elkaar kunnen aanraken en of dat wel aanvaard wordt. Afzonderlijk gaan ze verder in hun eigen bewegingen, hun eigen lichaamstaal en vinden elkaar dan terug in een kus. Kussen waar geen romantiek mee samenhangt, enkel het verlangen naar bevestiging, naar een vertrouwensband die verdergaat dan stereotype interpretaties.

“Ik wil de voorstelling laten graven naar wat mannen kan binden en straffe beelden creëren. Ik wil een publiek laten stilstaan bij hoe ze naar mannelijkheid kijken en tegenkleuren aanbieden: verwarren en boeien, treiteren en triggeren. ‘Tender Men’ wordt een voorstelling over ambiguïteit, over het herevalueren van non-seksuele aanraking, over hoe mannen met elkaar om zouden kunnen gaan in een wereld zonder homofobie.” – Koen De Preter

De gehele choreografie uit zich in een wisselwerking tussen sociaal aanvaarde aanrakingen tussen mannen, en een sensualiteit die dat nog lang niet is. De dansers ontdekken en voelen. Ze knuffelen, houden vreugdevol elkaars handen vast en tonen hun emoties. Totdat ze lijken te beseffen dat dat niet kan, omdat anderen kijken. Ze beginnen elkaar op de schouders te kloppen en gaan over tot aanrakingen die wel genormaliseerd zijn: elkaar vastnemen bij de schouders zoals bij sportwedstrijden, spelend en trekkend als kinderen, dansend als ‘La Dance’ van Matisse. Stoerheid en tederheid wisselen elkaar af. En soms komen ze samen, versmelten ze in elkaar. Elke beweging wordt evenwaardig, elke aanraking wordt mannelijk.

De kritiek op genderstereotypen en verwachtingen komt nog meer tot uiting wanneer De Preter ook objecten die buiten het lichaam staan betrekt in het stuk. De dansers wassen zich en trekken andere kleren aan: misschien om hun ‘zonden’ weg te wassen, misschien om de blikken van de buitenwereld van zich af te zetten en hun nieuwe zelf te laten zien. Ook de sterke belichting met een zaklamp werkt intrigerend: één voor één worden de gezichten van de dansers onderzoekend belicht, alsof ze in een verhoor zitten. Maar wat hebben ze misdaan? Wat is er nog fout en wat wordt al aanvaard door onze samenleving?

“Mais la tendresse est un mot qui s’applique infiniment plus aux hommes, parce que la tendresse est un jeu égalitaire, entre deux pôles qui sont à égalité. Un homme qui n’est pas tendre, c’est pas un homme.” – Jacques Brel

‘Tender Men’ zet aan tot nadenken. Moeten we in een post-corona tijd naar een samenleving met meer aanrakingen? Kan tederheid ook gezocht worden in formelere of niet-romantische relaties en kan het bovendien misschien een gedeeltelijke oplossing zijn voor toenemende psychische problemen (bij jongeren)? En vooral: kan intimiteit losgekoppeld worden van romantiek en seksualiteit bij mannen? Hoe zacht mogen mannen zijn zonder aan mannelijkheid in te boeten?

Choreografie en concept: Koen De Preter/ dans en choreografie: Souleymane Sanogo, Po-Nien Wang, Benoît Nieto Duran, Johhan Rosenberg/ licht: Fudetani Ryoya/ dramaturgisch advies: Nienke Reehorst/ kostuums: Atelier Marie Dries/ zakelijke productieleiding: Lenneke Rasschaert/ techniek: Eva Dermul/ geluidsmontage: Koen De Preter/ fotografie: Stanislav Dobak/ spreiding: Vincent Company

Met een cultuurkaart krijg je allerlei kortingen op voorstellingen in het STUK. ‘Tender Men’ loopt nog tot eind april in verschillende cultuurcentra over heel Vlaanderen.

UUR KULTUUR TAKEOFF

Donderdag 8 oktober zette UUR KULTUUR het academiejaar in met een ruim aanbod aan coronaproof ‘cultuurparcours’ in het STUK. Onder andere Flying Horseman, (kort)films, een virtuoze jongleer-act en robots zijn de revue gepasseerd. 

Forced Labor: Arena – Een bewogen toekomst?

Artificiële intelligentie ontmoet dans.  Een kijkje in de toekomst of dead on arrival? Maak in ‘Forced Labor: Arena’ kennis met de futuristische hersenspinsels van choreograaf Ugo Dehaes.

Er heerste een sceptische, doch lichtjes uitgelaten stemming toen de deuren van deze tentoonstelling open zwierden. AI en dans? Zal AI ooit in staat zijn tot het begrijpen en voltooien van deze zowel fysiek als emotioneel complexe manier van zelfexpressie? Ugo Dehaes experimenteert alvast met het idee en stelt zichzelf de vraag of ook de culturele sector volledig weggecijferd kan worden door AI.

Wie iets kent van het leerproces van AI, weet dat AI zichzelf zaken aanleert aan de hand van data input. Ook AI die zichzelf leert dansen, vormt hier geen uitzondering op. Als bezoeker van ‘Forced Labour: Arena’ doet je menselijke visie op dans dienst als data input van deze acht robots. 

Bij het betreden van de zaal wordt het al snel duidelijk dat niet elke robot op dezelfde manier data verzamelt. Terwijl de ene robot leert aan de hand van menselijke affirmatie, danst de andere door rechtstreekse menselijke manipulatie. 

Daarnaast valt het ook op dat de robots er verschillende ‘dansstijlen’ op nahouden. Zo lijkt de ene robot al organischer te bewegen dan de andere. Deze illusie wordt deels mogelijk gemaakt doordat bepaalde robots niet meer te identificeren zijn als een louter stuk technologie. Op dit vlak steken twee modellen er met kop en schouders bovenuit. ‘Mob’ en ‘dead animal’ voelen zowel meer herkenbaar als meer buitenaards aan. Beide modellen zijn aangekleed, de ene in textiel, de andere in een verschrompelde siliconen huid. 

‘Mob’ ©Marie-Maxine Gieskens

Vooraleer ik aan dit experiment begon, was ik er van overtuigd dat AI nooit de mens kon vervangen in artistieke processen, maar de juiste aankleding maakt het idee van een artistieke symbiose tussen robot en mens een pak aannemelijker. Deze robots blijven voorlopig nog volledig afhankelijk van menselijke input en komen vooral zeer onwennig over, maar wie weet spreken we daar over enkele jaren alweer anders over.

Forced Labor: Arena’ is alvast een aanrader voor iedereen die kickt op AI, interactieve kunst, experimentele dans en ethische vraagstukken!

UURKULTUUR: TAKEOFF – Forced Labor: Arena door Ugo Dehaes – STUK – 8 oktober 2020 – gratis voor cultuurkaarthouders.

Am I really free?

Bij het betreden van de expozaal wordt je aandacht meteen gegrepen door een bigger than life gevecht tussen arend en drone. ‘Aquila non capit muscas’ werkt zo innemend dat je pas achteraf beseft hoe vreemd het is om een arend en drone op extreem gedetailleerde wijze te zien vechten. Het is de repitieve kinderstem ergens in de verte die je aandacht uiteindelijk doet afzwakken van het spektakel. Am I really free? Am I really free?…

Aquila non capit muscas’ © Mircea Cantor

De kracht van Mircea Cantor, de multidisciplinaire artiest achter deze tentoonstelling, ligt in de tegenstellingen die zijn beelden tot leven brengen. Drone versus Arend. Technologie versus natuur. Transparante plexiplaten versus verblindende zonnestralen. Doorlating versus weerkaatsing. Kinderlijke onschuld versus existentiële vraag. Ook als je de achterliggende boodschappen van de kortfilms niet kent, nestelen de beelden zich in je geheugen. De eenvoud van de beelden – let op technische eenvoud is ver te zoeken – werkt hypnotiserend en speelt op verrassende wijze in op je zintuigen. Je lijkt als het ware de kortfilms zelf te beleven. Je vliegt mee, voelt zand, gras en de warmte van de zon op je huid. Op deze manier lijkt Cantors werk in te spelen op fundamentele menselijke gevoeligheden. Cantors visie levert – zoals curator Karen Verschooren zelf beaamde – iconisch beeldmateriaal op.

Dit semester vormt ‘Am I really free’ de uitgelezen kans om jezelf te verdiepen in de wereld van kortfilms! 

UURKULTUUR: TAKEOFF – Am I really free? door Mircea Cantor – STUK – Curator: Karen Verschooren – van 7 oktober tot en met 13 december 2020 – Gratis zonder reservatie.

“Paradise Now (1968-2018) is een PowerPointpresentatie van de mensheid”

Paradise Now (1968-2018) was weer even thuis. De voorstelling van het Leuvens theater en dans productiehuis fABULEUS, stond zo’n halfjaar na première opnieuw in hun vertrouwde Soetezaal. Enkele dagen geleden konden jullie hier al een recensie lezen over de voorstelling op woensdag 17 oktober. De dag erna trok ik ook richting STUK om er de jongerencast te treffen. Tussen twee schoolvoorstellingen in maakten Jarko Bosmans (15), Sarah Bekambo (16), Zulaa Antheunis (23) en ikzelf het ons gezellig op het zonovergoten terras van hun loge. Zakken chips en lachbuien incluis, beloofde het een gezellig gesprek te worden.

Hoe is het om een halfjaar na de première opnieuw in Leuven te spelen?

Zulaa: ‘Dat is een beetje thuiskomen, hè. Je merkt wel doorheen de voorstellingen en de verschillende plaatsen waar we spelen, dat we ons moeten aanpassen aan de zaal.’

Jarko: ‘Ja de zaal hier is bijvoorbeeld heel hoog, terwijl die in Antwerpen breed was, waardoor onze focus net iets anders ligt.

“Het gaf een heel leuk gevoel om terug thuis te spelen.” – Jarko Bosmans

Sarah: ‘Ergens is het ook wel een vies gevoel, omdat het merendeel van ons van Leuven is of hier toch veel mensen kent. Als je bijvoorbeeld in Berlijn speelt, dan weet je honderd procent zeker dat er niemand in de zaal zit die jou kent, terwijl ik er hier in Leuven toch vanuit ga dat vijftig procent van wie in de zaal zit mij kent of weet wie ik ben. Dat geeft toch dat tikkeltje meer stress. Dat is net zoals voetbal hè, als je thuis speelt…’

Lees verder

UUR KULTUUR met een dansende filosoof: Noé Soulier voert Faits et Gestes op

Aan de linkerkant van het podium in de Soetezaal van het STUK staat een klavecimbel. Het gezelschap koos dus op zijn minst gezegd voor een origineel muziekinstrument. De vrouw achter het klavecimbel zit met haar rug naar het publiek toe en geeft met behulp van Johan Jakob Froberger en Bach een extra dimensie aan de voorstelling. De barokke klanken zorgen voor rust bij het publiek en ongetwijfeld ook bij de dansers zelf, omdat ze dan even niet naar hun eigen gehijg moeten luisteren. Toch staat de muziek helemaal niet centraal, of beter gezegd: ze is er de helft van de tijd niet. De dansers begeleiden elkaar dan door middel van het geluid van hun blote voeten op de vloer en af en toe zelfs een krakend gewricht.
com_dans_foto_noe_soulier_faits_et_gestes_web_1_c_chiara_valle_vallominiDe gestes blijven nogal abstract. Als kijker ga je op zoek naar herkenbare uitbeeldingen, en dan begrijp je soms plots dat er zich een onzichtbare voetbal bevindt tussen de vier dansers. Eén van de vijf mensen op het podium roept een ingebeelde vriend (of vijand) op het matje, maar een verhaal is er niet van te maken. Het zou gemakkelijker te begrijpen zijn als er enige vorm van verbale versterking aan te pas kwam.

Moeilijk te volgen, dus, zo af en toe. Het sterkste punt van Faits et gestes is wanneer de dansers zich gezamenlijk op de grond laten vallen, niet voorzichtig maar toch elegant. Vandaaruit voeren ze dan een vaste frase uit, een soort refrein dat doorheen de voorstelling verschillende keren terugkomt. Alle vier de dansers doen hun eigen ding en wanneer ze tegen elkaar opbotsen, volgen ze elkaar in hun bewegingen. Dan bewegen ze zich verrassend synchroon voor een tel of vijf, en gaan dan weer hun eigen weg.noe_soulier_-_faits_et_gestes_c_chiara_valle_vallomini_2

Op het einde van de voorstelling is er één spot die vanuit de coulissen lijkt te komen en zijdelings op het podium schijnt. Het doet denken aan de deur van een gezellig verlichte kamer die openstaat. Een smalle streep podium is verlicht, voor de rest is er niets van het donker te onderscheiden. In die lichtbundel is enkel Noé zelf zichtbaar terwijl hij op de grond ligt. Er is, zoals wel vaker bij hedendaagse dansopvoeringen, geen afgebakende structuur in de vorm van begin-midden-slot. Wanneer het licht plots uitgaat en zo het einde van de voorstelling aangegeven wordt, duurt het even voor het publiek doorheeft dat het voorbij is, en daardoor komt het applaus aarzelend op gang.

Noé Souliers werk komt uit een niche die voor niet-professionelen of leken in het algemeen moeilijk te vatten is. Wie bekender is met de stijl, denkt daar misschien anders over.

Foto’s: Chiara Valle Vallomini
Wat? Faits et Gestes / Wie ? Noé Soulier / Waar ? STUK Soetezaal / Wanneer? Donderdag 26 april 2018 / Hoeveel? €16, met Cultuurkaart €12

Een unicum: Spice Girls in STUK. SNAP XL van fABULEUS en Talitha De Decker

Talitha De Decker, die enkele jaren geleden afstudeerde aan Fontys Hogeschool voor de Kunsten, ontwikkelde samen met fABULEUS de dansvoorstelling SNAP XL, gebaseerd op haar eindwerk van in 2014, dat toen SNAP werd gedoopt. Zoals het de projecten van fABULEUS betaamt, staat er heel wat jong geweld op het podium.

clara hermans SNAPDe veertien jonge dansers tussen 14 en 21 jaar moeten zelf hun decor opbouwen. Op een appelblauwzeegroen podium staan er ramen in verschillende felle kleuren. Die ramen worden doorheen de voorstelling verplaatst of opgehangen aan magneten en een enkele keer zelfs geknuffeld.

Met  om ter hoogst opgetrokken sokken dansen ze een choreografie met veel symmetrie en geometrische figuren. De dansstijlen zelf zijn vrij divers, van ongedefinieerde feestbewegingen tot tutting (een vorm van hiphop waarbij enkel armen en handen gebruikt worden) en worden dikwijls synchroon uitgevoerd door de groep. Zoveel harmonie is echt een plezier om naar te kijken. clara hermans SNAP 3
Wat de muziek betreft, vertrok Talitha vanuit de guilty pleasure van velen: popmuziek uit de jaren ’90 (denk aan aanstekelijke muziek zoals die van Spice Girls). De muziek is welbekend, de danspassen wisselen af tussen herkenbaar en origineel. Kleine elementen uit een beweging worden uitvergroot en vervolgens gebruikt als basis om mee te variëren. Talitha vertrouwde STUK toe dat één van de thema’s constructie en deconstructie is. Het startpunt is een afgewerkte beweging die dan uit elkaar getrokken wordt om iets nieuws te maken. clara hermans 5Dit proces resulteert meer dan eens in humor: voor de allereerste keer hoorde ik mensen in het publiek luidop lachen tijdens een dansvoorstelling. Hoewel deze jongeren op een leeftijd zijn waar schaamte soms een obstakel kan zijn om zich echt uit te kunnen leven, zijn deze dansers nooit gegeneerd. Niet dat ze een reden hebben om zich te schamen, integendeel.

clara hermans SNAP 4
In de cultuur van hedendaagse dans die vandaag heerst, is het een opluchting om een groep dansers te zien die zichzelf niet zo serieus neemt. Hits uit de jaren ’90 gebruiken is misschien een ‘gemakkelijke’ manier van entertainen, maar daar is niets mis mee. Het is een voorstelling over plezier, feest en groepsgevoel, en dat zijn de aspecten die na het verlaten van de zaal bijblijven. Voor de rest worden er geen diepzinnige filosofieën aan de voorstelling toegeschreven: de nadruk ligt op dansen in en met een groep.

Foto’s: Clara Hermans

Wat? SNAP XL / Wie? fABULEUS in samenwerking met Talitha De Decker & 7 Limburgse cultuurcentra / Wanneer? Donderdag 19, vrijdag 20 en zaterdag 21 april / Waar? STUK / Prijs? 14EUR, 10EUR met cultuurkaart

 

 

Rosas verrast nogmaals

Anne Theresa De Keersmaeker zorgt nog maar eens voor volle zalen. Het succes van haar choreografieën lijkt nog lang niet op zijn einde te komen, want de kaartenverkoop van Mitten wir im Leben sind ging zo hard dat ze noodgedwongen een extra voorstelling inlasten. Zelfs Koningin Mathilde maakte er een avond voor vrij.

29570848_2039211176342512_1178693297487933703_n

Anne Van Aerschot

Op de dansvloer zijn mandalagewijs cirkels getekend, als inspiratie voor de al dan niet gesprongen pirouettes in de choreografie. De snijpunten van die cirkels vormen dan weer de hoeken van gekleurde sterren. De cirkels van krijt en sterren van verschillende groottes vormen het meest drukke aspect van het decor, dat voor de rest naar traditie sober gehouden is.

rosas-mitten-wir-im-leben-sindbach6cellosuiten-c-anne-van-aerschot-mittenannevanaerschot---22jpg

Anne Van Aerschot

De Cellosuites van Bach zijn het vertrekpunt van de voorstelling en worden in dit geval uitgevoerd door Jean-Guihen Queyras. De live muziek van een beroemde virtuoos is natuurlijk een immense meerwaarde. Om dat zoveel mogelijk in de verf te zetten, krijgt hij een plaats in het midden van het podium, tussen de dansers. Deze originele opstelling zorgt af en toe wel voor wat stress bij het publiek als er weer eens een been gevaarlijk dicht in de buurt van cello en muzikant komt.

Vier dansers krijgen hun ‘eigen’ suite, De Keersmaeker daarentegen zet het ene stuk mee in gang, bij het andere valt ze in. Op de muziek van de laatste suite dansen ze in groep. Choreografie en muziek stemmen harmonisch overeen: een accent in de muziek gaat altijd gepaard met een onverwachte beweging van het hoofd of een extra draai.

Haar uitverkochte zalen bewijzen dat ze de noden van haar toeschouwers goed kent: ze biedt een hedendaagse  dansvoorstelling aan die meer is dan enkel dat. Anne Theresa De Keersmaeker brengt Bach naar het heden en naar de moderniteit. Twee jaar geleden deed ze iets vergelijkbaars, toen ze een andere Duitse legende tot bij haar publiek bracht met een choreografie gebaseerd op Die Weise von Liebe und Tod des Cornets Christoph Rilke. Het is dus niet de eerste keer dat ze twee kunstvormen combineert en zelfs gelijk gewicht geeft. In dit geval interpreteert ze wereldberoemde muziek die al ontelbare keren uitgevoerd is en brengt haar opnieuw onder de mensen.

anne van aerschotAnne Van Aerschot

Wie? Rosas / Wat? Mitten wir im Leben sind / Wanneer? dinsdag 27 maart tot vrijdag 30 maart 2018 / Waar? 30CC/Schouwburg / Hoeveel? Vanaf €26 of vanaf €22 met reductie

fABULEUS/Ugo Dehaes: RATS

Wie al een tijdje in Leuven studeert, heeft misschien de naam fABULEUS wel eens horen vallen. fABULEUS werkt sinds 2015 nauw samen met STUK en is een Leuvens productiehuis waar de focus ligt op de samenwerking tussen jong talent en ervaren dansers.

RATS is de tweede opvoering die Ugo Dehaes maakt voor en met fABULEUS. De eerste, zeer succesvolle voorstelling genaamd GIRLS kwam tot stand in 2013. Deze keer neemt Ugo Dehaes zeven jonge dansers onder de arm en zet hen op het podium samen met Jenna Jalonen, een hedendaagse danseres van Finse afkomst. De rest van de dansers is een stuk jonger dan Jenna, maar aan professionaliteit ontbreekt het hen niet. Ze voelen zich duidelijk op hun gemak voor een publiek, waarschijnlijk dankzij de podiumervaring die ze al opgebouwd hebben op zowel nationale als internationale wedstrijden. Heel de voorstelling lang zoeken contact met elkaar en dagen ze elkaar uit, maar competitiviteit neemt nooit de bovenhand.

Clara Hermans

Foto: Clara Hermans

Aan het begin van de voorstelling ligt het podium vol met drones. Origineel, maar wanneer het verrassingseffect er na enkele minuten af is, wordt het helaas een beetje saai en enerverend, want de het geluid van de drones klinkt als muggengezoem. De voorstelling komt maar traag op gang, maar wanneer dat uiteindelijk gebeurt is de aandacht erbij houden geen enkel probleem dankzij een harmonieus duet tussen Jenna en een drone.

Je vraagt je wellicht af waar de enigmatische titel zijn oorsprong vond. Ugo Dehaes zegt dat hij de opbouw van de productie baseerde op De Rattenvanger van Hamelen. Zo verschijnt Jenna tweemaal op het podium: in het begin, en wanneer zij verdwijnt volgen de drones, die de ratten symboliseren. Later keert ze nog eens terug om ook de kinderen te halen. Behalve de structuur blijft er niet veel van het verhaal over en dat is natuurlijk een bewuste keuze: de dans moet centraal staan.

Clara Hermans 2

Foto: Clara Hermans

Eén van de sleutelwoorden is tegenstelling en dat is meteen te merken aan de hedendaagse stijl van Jenna tegenover de urban dance van de jonge garde. Enkelen van hen laten zien dat ze naast hiphop en breakdance ook thuis zijn in de acrobatie, klassiek ballet en dance hall, om maar enkele voorbeelden te geven. Een gedurfde combinatie misschien, maar wel zeer geslaagd. Zo doet één van de jongens in het midden van zijn hiphopsolo plots enkele pirouettes en fouettés om daarna weer moeiteloos zijn urban choreografie voort te zetten. Het is heel interessant om al die uiteenlopende takken samen te zien vloeien, want het resultaat is niet alleen mooi, maar het maakt ook vrolijk omdat het zo onverwacht is.

fABULEUS is al langer een begrip in Leuven, maar bewijst nog maar eens zijn relevantie. De groep is dynamisch, energiek en getalenteerd. Sommigen van hen dromen stilletjes of wat luider van een professioneel danscarrière, en gelukkig brengt fABULEUS hen daar met iedere kans om op een podium te staan weer een stapje dichterbij. Wie benieuwd is naar de nieuwe generatie van dansers uit de urban en hedendaagse scene (en alles wat daartussen zit) moet zeker eens een voorstelling bijwonen.

Wie? fABULEUS/Ugo Dehaes / Wat? RATS / Wanneer? 23, 24 en 25 november / Prijs? 14EUR, 10EUR met Cultuurkaart

In Absentia van Helder Seabra: hoe gaan mannen om met verlies?

Helder Seabra, choreograaf van Portugese afkomst, studeerde dans in België en was actief in de compagnieën van Wim Vandekeybus en Sidi Lardi Cherkaoui. In 2014 ging de eerste productie van zijn eigen compagnie HelKa vzw in première en werd goed ontvangen. Hoewel ook zijn volgende projecten konden rekenen op positieve kritiek, misliep hij toch subsidies vanwege strenge besparingen.

Helder besloot zijn frustraties om te zetten in creativiteit. Hij beperkte het aantal dansers en live muzikanten dat hij in gedachten had voor zijn nieuwe productie tot respectievelijk drie en twee. Daarnaast veranderde hij de titel naar het veelzeggende In Absentia.

Lees verder

We’re pretty fuckin’ far from okay

De opzet bleek eenvoudig: twee stoelen, twee spots, twee mensen. De thematiek was dat allesbehalve. Met een beklijvende voorstelling haalt Lisbeth Gruwez/Voetvolk de toeschouwers met verrassend weinig moeite uit hun comfortzone.

Muziek komt er niet echt aan te pas,  maar van tijd tot tijd klinken er enkele tonen die harmonieus samengaan met de choreografie. Afgezien daarvan wordt de voorstelling geleid door ademhaling en hoe langer de opvoering duurt, hoe opvallender dat geadem weerklinkt in de schouwburg. Na verloop van tijd lijkt het wel alsof de ademhaling van het publiek mee versnelt en stokt tot op het punt dat rustig ademen niet meer zo vanzelfsprekend is. Lees verder

UUR KULTUUR: DBDDBB

Wie op een woensdagavond naar de Soetezaal van het STUK trekt voor het maandelijks UUR KULTUUR, is vooral op zoek naar kunst in een toegankelijke omgeving met een gemoedelijke sfeer. In spanning wacht een volle zaal cultuurliefhebbers af of hun verwachtingen ook dit keer zullen worden ingelost.

In het begin is er slechts duisternis, met uitzondering van één lichtje dat van links naar rechts zwiert waardoor er zich tegen de achterwand een silhouet aftekent. Het doet denken aan zonsopgang. Hoe langer men kijkt, hoe duidelijker de contouren van wat er op het podium aanwezig is. Uiteindelijk verschijnen twee dansers en drie danseressen op het podium. Lees verder