UUR KULTUUR met een dansende filosoof: Noé Soulier voert Faits et Gestes op

Aan de linkerkant van het podium in de Soetezaal van het STUK staat een klavecimbel. Het gezelschap koos dus op zijn minst gezegd voor een origineel muziekinstrument. De vrouw achter het klavecimbel zit met haar rug naar het publiek toe en geeft met behulp van Johan Jakob Froberger en Bach een extra dimensie aan de voorstelling. De barokke klanken zorgen voor rust bij het publiek en ongetwijfeld ook bij de dansers zelf, omdat ze dan even niet naar hun eigen gehijg moeten luisteren. Toch staat de muziek helemaal niet centraal, of beter gezegd: ze is er de helft van de tijd niet. De dansers begeleiden elkaar dan door middel van het geluid van hun blote voeten op de vloer en af en toe zelfs een krakend gewricht.
com_dans_foto_noe_soulier_faits_et_gestes_web_1_c_chiara_valle_vallominiDe gestes blijven nogal abstract. Als kijker ga je op zoek naar herkenbare uitbeeldingen, en dan begrijp je soms plots dat er zich een onzichtbare voetbal bevindt tussen de vier dansers. Eén van de vijf mensen op het podium roept een ingebeelde vriend (of vijand) op het matje, maar een verhaal is er niet van te maken. Het zou gemakkelijker te begrijpen zijn als er enige vorm van verbale versterking aan te pas kwam.

Moeilijk te volgen, dus, zo af en toe. Het sterkste punt van Faits et gestes is wanneer de dansers zich gezamenlijk op de grond laten vallen, niet voorzichtig maar toch elegant. Vandaaruit voeren ze dan een vaste frase uit, een soort refrein dat doorheen de voorstelling verschillende keren terugkomt. Alle vier de dansers doen hun eigen ding en wanneer ze tegen elkaar opbotsen, volgen ze elkaar in hun bewegingen. Dan bewegen ze zich verrassend synchroon voor een tel of vijf, en gaan dan weer hun eigen weg.noe_soulier_-_faits_et_gestes_c_chiara_valle_vallomini_2

Op het einde van de voorstelling is er één spot die vanuit de coulissen lijkt te komen en zijdelings op het podium schijnt. Het doet denken aan de deur van een gezellig verlichte kamer die openstaat. Een smalle streep podium is verlicht, voor de rest is er niets van het donker te onderscheiden. In die lichtbundel is enkel Noé zelf zichtbaar terwijl hij op de grond ligt. Er is, zoals wel vaker bij hedendaagse dansopvoeringen, geen afgebakende structuur in de vorm van begin-midden-slot. Wanneer het licht plots uitgaat en zo het einde van de voorstelling aangegeven wordt, duurt het even voor het publiek doorheeft dat het voorbij is, en daardoor komt het applaus aarzelend op gang.

Noé Souliers werk komt uit een niche die voor niet-professionelen of leken in het algemeen moeilijk te vatten is. Wie bekender is met de stijl, denkt daar misschien anders over.

Foto’s: Chiara Valle Vallomini
Wat? Faits et Gestes / Wie ? Noé Soulier / Waar ? STUK Soetezaal / Wanneer? Donderdag 26 april 2018 / Hoeveel? €16, met Cultuurkaart €12

Een unicum: Spice Girls in STUK. SNAP XL van fABULEUS en Talitha De Decker

Talitha De Decker, die enkele jaren geleden afstudeerde aan Fontys Hogeschool voor de Kunsten, ontwikkelde samen met fABULEUS de dansvoorstelling SNAP XL, gebaseerd op haar eindwerk van in 2014, dat toen SNAP werd gedoopt. Zoals het de projecten van fABULEUS betaamt, staat er heel wat jong geweld op het podium.

clara hermans SNAPDe veertien jonge dansers tussen 14 en 21 jaar moeten zelf hun decor opbouwen. Op een appelblauwzeegroen podium staan er ramen in verschillende felle kleuren. Die ramen worden doorheen de voorstelling verplaatst of opgehangen aan magneten en een enkele keer zelfs geknuffeld.

Met  om ter hoogst opgetrokken sokken dansen ze een choreografie met veel symmetrie en geometrische figuren. De dansstijlen zelf zijn vrij divers, van ongedefinieerde feestbewegingen tot tutting (een vorm van hiphop waarbij enkel armen en handen gebruikt worden) en worden dikwijls synchroon uitgevoerd door de groep. Zoveel harmonie is echt een plezier om naar te kijken. clara hermans SNAP 3
Wat de muziek betreft, vertrok Talitha vanuit de guilty pleasure van velen: popmuziek uit de jaren ’90 (denk aan aanstekelijke muziek zoals die van Spice Girls). De muziek is welbekend, de danspassen wisselen af tussen herkenbaar en origineel. Kleine elementen uit een beweging worden uitvergroot en vervolgens gebruikt als basis om mee te variëren. Talitha vertrouwde STUK toe dat één van de thema’s constructie en deconstructie is. Het startpunt is een afgewerkte beweging die dan uit elkaar getrokken wordt om iets nieuws te maken. clara hermans 5Dit proces resulteert meer dan eens in humor: voor de allereerste keer hoorde ik mensen in het publiek luidop lachen tijdens een dansvoorstelling. Hoewel deze jongeren op een leeftijd zijn waar schaamte soms een obstakel kan zijn om zich echt uit te kunnen leven, zijn deze dansers nooit gegeneerd. Niet dat ze een reden hebben om zich te schamen, integendeel.

clara hermans SNAP 4
In de cultuur van hedendaagse dans die vandaag heerst, is het een opluchting om een groep dansers te zien die zichzelf niet zo serieus neemt. Hits uit de jaren ’90 gebruiken is misschien een ‘gemakkelijke’ manier van entertainen, maar daar is niets mis mee. Het is een voorstelling over plezier, feest en groepsgevoel, en dat zijn de aspecten die na het verlaten van de zaal bijblijven. Voor de rest worden er geen diepzinnige filosofieën aan de voorstelling toegeschreven: de nadruk ligt op dansen in en met een groep.

Foto’s: Clara Hermans

Wat? SNAP XL / Wie? fABULEUS in samenwerking met Talitha De Decker & 7 Limburgse cultuurcentra / Wanneer? Donderdag 19, vrijdag 20 en zaterdag 21 april / Waar? STUK / Prijs? 14EUR, 10EUR met cultuurkaart

 

 

fABULEUS/Ugo Dehaes: RATS

Wie al een tijdje in Leuven studeert, heeft misschien de naam fABULEUS wel eens horen vallen. fABULEUS werkt sinds 2015 nauw samen met STUK en is een Leuvens productiehuis waar de focus ligt op de samenwerking tussen jong talent en ervaren dansers.

RATS is de tweede opvoering die Ugo Dehaes maakt voor en met fABULEUS. De eerste, zeer succesvolle voorstelling genaamd GIRLS kwam tot stand in 2013. Deze keer neemt Ugo Dehaes zeven jonge dansers onder de arm en zet hen op het podium samen met Jenna Jalonen, een hedendaagse danseres van Finse afkomst. De rest van de dansers is een stuk jonger dan Jenna, maar aan professionaliteit ontbreekt het hen niet. Ze voelen zich duidelijk op hun gemak voor een publiek, waarschijnlijk dankzij de podiumervaring die ze al opgebouwd hebben op zowel nationale als internationale wedstrijden. Heel de voorstelling lang zoeken contact met elkaar en dagen ze elkaar uit, maar competitiviteit neemt nooit de bovenhand.

Clara Hermans

Foto: Clara Hermans

Aan het begin van de voorstelling ligt het podium vol met drones. Origineel, maar wanneer het verrassingseffect er na enkele minuten af is, wordt het helaas een beetje saai en enerverend, want de het geluid van de drones klinkt als muggengezoem. De voorstelling komt maar traag op gang, maar wanneer dat uiteindelijk gebeurt is de aandacht erbij houden geen enkel probleem dankzij een harmonieus duet tussen Jenna en een drone.

Je vraagt je wellicht af waar de enigmatische titel zijn oorsprong vond. Ugo Dehaes zegt dat hij de opbouw van de productie baseerde op De Rattenvanger van Hamelen. Zo verschijnt Jenna tweemaal op het podium: in het begin, en wanneer zij verdwijnt volgen de drones, die de ratten symboliseren. Later keert ze nog eens terug om ook de kinderen te halen. Behalve de structuur blijft er niet veel van het verhaal over en dat is natuurlijk een bewuste keuze: de dans moet centraal staan.

Clara Hermans 2

Foto: Clara Hermans

Eén van de sleutelwoorden is tegenstelling en dat is meteen te merken aan de hedendaagse stijl van Jenna tegenover de urban dance van de jonge garde. Enkelen van hen laten zien dat ze naast hiphop en breakdance ook thuis zijn in de acrobatie, klassiek ballet en dance hall, om maar enkele voorbeelden te geven. Een gedurfde combinatie misschien, maar wel zeer geslaagd. Zo doet één van de jongens in het midden van zijn hiphopsolo plots enkele pirouettes en fouettés om daarna weer moeiteloos zijn urban choreografie voort te zetten. Het is heel interessant om al die uiteenlopende takken samen te zien vloeien, want het resultaat is niet alleen mooi, maar het maakt ook vrolijk omdat het zo onverwacht is.

fABULEUS is al langer een begrip in Leuven, maar bewijst nog maar eens zijn relevantie. De groep is dynamisch, energiek en getalenteerd. Sommigen van hen dromen stilletjes of wat luider van een professioneel danscarrière, en gelukkig brengt fABULEUS hen daar met iedere kans om op een podium te staan weer een stapje dichterbij. Wie benieuwd is naar de nieuwe generatie van dansers uit de urban en hedendaagse scene (en alles wat daartussen zit) moet zeker eens een voorstelling bijwonen.

Wie? fABULEUS/Ugo Dehaes / Wat? RATS / Wanneer? 23, 24 en 25 november / Prijs? 14EUR, 10EUR met Cultuurkaart

“Is da kunst of mag da weg?” Wat je deze maand niet mag missen in STUK en Museum M

De kalender, thermometer en hoeveelheid deadlines in je agenda wrijven het er elke dag een beetje meer in: het is echt al november. Maar geen betere manier om je opkomende herfstdepressie en uitstelgedrag te vergeten dan even vluchten van de realiteit en je overspoelen met kunst. Deze maand helpen STUK en Museum M je daar graag bij. Enkele tips voor fans van hedendaagse beeldende kunst, van video tot performance en alles ertussenin.

Appendix, aangenaam verrast door Omer Fast

“Is da kunst of mag da weg?” Met die woorden maakte STUK-vrijwilligerscoördinator Margot op Facebook reclame voor de opening van Appendix. De stapel kartonnen dozen en vuilniszakken naast de ingang van de tentoonstelling doet je serieus twijfelen om even het containerpark te bellen, maar – spoiler alert – het maakt effectief deel uit van een kunstwerk. Welkom in het universum van Omer Fast.

Omer wie? Dat was ook mijn reactie toen ik de naam las, maar het is na de metamorfose tot ‘huis voor dans, beeld en geluid’ precies de missie van STUK om relatief onbekende video- en installatiekunst tot bij een breed publiek te brengen, en dat meestal helemaal gratis. Omer Fast is een Israëlisch-Amerikaanse videokunstenaar die zich graag bezighoudt met adaptaties van romans en de grens tussen fictie en realiteit. Zijn werk is onder meer te zien in het Tate Modern, Metropolitan Museum en Centre Pompidou, maar dit is zijn eerste echte solotentoonstelling in België.

omerfast.jpg,1440

Maar ook buiten de films zelf staat elk detail in functie van een groter geheel. Het decor van de tentoonstelling is een akelig realistisch nagebouwd appartement vol verhuisdozen, dat met zijn Ikeameubelen en achtergebleven pizzadozen van iedereen en niemand tegelijk kan zijn (grappig detail: de credits voor kringwinkel Spit aan de ingang). Wat er met de bewoners is gebeurd, laat Fast over aan de fantasie van de bezoekers. Op de tv van de woonkamer kan je kijken naar de film Looking good for God, waarin begrafenisondernemers vertellen over wat hun job zo bijzonder maakt, van de bijna lugubere technische details tot de levensvragen die hen gaan bezighouden. De documentairestijl van de film krijgt echter een surreëel randje wanneer de beelden plaatsmaken voor een kitscherige fotoshoot van kinderen, die gedubd worden door de stem van de begrafenisondernemers. Knap hoe twee even kunstmatige maar totaal tegenovergestelde werelden elkaar zo kruisen. De vervreemding die je erbij ervaart, wordt nog eens versterkt door het halflege appartement om je heen.

Het tweede tentoongestelde werk is August, een 3D-film gebaseerd op het leven van de Duitse fotograaf August Sander. Ook hier lopen verschillende verhalen door elkaar op één scherm: enerzijds zie je de making of van de realistische portretten waarmee Sander beroemd werd, anderzijds hoe hij als blinde en vereenzaamde oude man constant gekweld wordt door herinneringen aan het nazisme. Fast haalt alles uit het 3D-medium wat hij eruit kan halen: je wilt je haast bukken voor de draden waarmee de oude Sander zichzelf de weg wijst door zijn huis en van sommige geluidseffecten spring je echt even omhoog op je stoel. Een mooi eerbetoon van de kunstenaar aan een van zijn inspiratiebronnen.

(Benieuwd naar Appendix? Je kan de tentoonstelling nog tot 13 december gratis bezoeken in de Expozaal van het STUK, alle info vind je hier.)

Kunst in het STUKcafé: Maarten Vanermen

Nieuw in dit cultuurseizoen is de samenwerking tussen STUK en CASCO, een Leuvens initiatief dat ateliers en ondersteuning aanbiedt aan een aantal veelbelovende jonge kunstenaars. Voortaan krijgen zij een voor een de kans om hun werk tentoon te stellen in het STUKcafé. Maarten Vanermen bijt de spits af met een dubbele videoinstallatie van beelden van de lucht boven STUK, “naast het originele beeld van de natuurlijke gradiënt in de lucht zie je het geanalyseerde beeld van diezelfde lucht in de vorm van een digitale gradiënt”. Euh… wát? Het antwoord krijg je gratis bij je volgende pintje in het STUKcafé.

(Van 9 november tot 18 december tijdens de openingsuren van STUKcafé, meer info op de website. Maarten Vanermen opent de expo op 9 november om 19 uur. Interessant: achteraf kan je ook genieten van een rondleiding door Appendix van Omer Fast door de curator en een dj-set van Synik.)

Playground, het beste van wat niet in één hokje past

HomeAl voor de elfde keer slaan STUK en Museum M de handen in elkaar voor Playground Festival. Het programma is een bonte verzameling van kunstenaars uit heel Europa, zolang ze maar verschillende disciplines combineren, van video tot muziek, van tekst tot choreografie. Op beide locaties kan je vier dagen lang terecht voor massa’s interessante performances en installaties. Let op: alles is verspreid over verschillende locaties en voor sommige performances moet je eerst een plaats reserveren, check dus eerst de kalender om je bezoek zo goed mogelijk te plannen.

Een aantal werken zien er alvast erg interessant uit: Dominique Guilliots rondleiding ‘met ruimte voor de verbeelding’ in Museum M, Fabrice Samyns interactieve in- en uitademperformance en Julian Webers Japanse theeceremonie. Helemaal gratis zijn de voorstellingen van Benjamin Seror & The Masks, waarin een muzikaal alter ego van Ludwig Wittgenstein moordzaken uit het Los Angeles van de jaren ’30 oplost. En voor wie in Museum M al ging kijken naar de robots van Cécile B. Evans (met cultuurkaart kan dat gratis!) : de kunstenares geeft tijdens Playground een lezing over haar werk. Of doe eens gek en laat je verrassen door iets willekeurigs uit het programma, succes gegarandeerd.

(Van donderdag 16 t.e.m. zondag 19 november in Museum M en STUK. Korting met cultuurkaart en als je online reserveert, en op vertoon van je M-toegangsticket heb je recht op reductietarief voor de voorstellingen van die dag in STUK. http://www.playgroundfestival.be/nl)

In Absentia van Helder Seabra: hoe gaan mannen om met verlies?

Helder Seabra, choreograaf van Portugese afkomst, studeerde dans in België en was actief in de compagnieën van Wim Vandekeybus en Sidi Lardi Cherkaoui. In 2014 ging de eerste productie van zijn eigen compagnie HelKa vzw in première en werd goed ontvangen. Hoewel ook zijn volgende projecten konden rekenen op positieve kritiek, misliep hij toch subsidies vanwege strenge besparingen.

Helder besloot zijn frustraties om te zetten in creativiteit. Hij beperkte het aantal dansers en live muzikanten dat hij in gedachten had voor zijn nieuwe productie tot respectievelijk drie en twee. Daarnaast veranderde hij de titel naar het veelzeggende In Absentia.

Lees verder

UUR KULTUUR: DBDDBB

Wie op een woensdagavond naar de Soetezaal van het STUK trekt voor het maandelijks UUR KULTUUR, is vooral op zoek naar kunst in een toegankelijke omgeving met een gemoedelijke sfeer. In spanning wacht een volle zaal cultuurliefhebbers af of hun verwachtingen ook dit keer zullen worden ingelost.

In het begin is er slechts duisternis, met uitzondering van één lichtje dat van links naar rechts zwiert waardoor er zich tegen de achterwand een silhouet aftekent. Het doet denken aan zonsopgang. Hoe langer men kijkt, hoe duidelijker de contouren van wat er op het podium aanwezig is. Uiteindelijk verschijnen twee dansers en drie danseressen op het podium. Lees verder

Dance & Resistance – Endangered Human Movements vol.2

Het opzet van de voorstelling bestaat in verschillende primitieve dansen die een stuk of zeven danseressen opvoeren in de Soetezaal van het STUK. Het publiek zit niet in de zaal, maar mee op het podium zelf, dat omgeven wordt door witte gordijnen. Op deze gordijnen zien we logo’s van wereldwijd bekende merken: Shell, Nestlé, Starbucks enzovoort. Meteen een raadselachtig element, er is geen constante te ontdekken in de verscheidenheid aan bedrijven. Bij het plaatsnemen op de stoelen vullen vier danseressen de lege ruimtes tussen de stoelen en wandelen ze rond op het ritme van de xylofoon. De danseressen zijn eenvoudig gekleed met indrukwekkende kettingen, die later ook dienst blijken te doen als tiara en zelfs als rok.

Niet het industriële karakter van die projectie zet de toon voor de rest van de optreden, integendeel, wel het mysterieuze. Zoals verwacht voelen grote delen van de voorstelling bevreemdend aan, waarschijnlijk omdat deze danstraditie zo ver afstaat van de onze. Die afstand tussen de culturen maakt het ook zo moeilijk om de choreografieën precies te beschrijven. Gelukkig hoeft dat de ervaring niet in de weg te staan: het semester had niet beter kunnen afsluiten dan met deze opvoering.

Ten eerste is er veel aandacht voor de interactie met het publiek: niet alleen wordt er voor, achter en naast ons gedanst, een groot deel van het publiek neemt ook actief deel aan de dansrituelen. Ook de volgorde van de dansrituelen is goed uitgedacht: het eerste deel werkt als het ware hypnotiserend door de monotonie van de bewegingen, daarop volgen indrukwekkende, opzwepende dansen waarvoor een enorm uithoudingsvermogen nodig is. Het tempo van de muziek lag zo hoog dat een van de danseressen uit de bocht vloog en bijna op de schoot van een toeschouwer belandde, maar gezien de interactie met het publiek die ze zo hoog in het vaandel dragen, neemt niemand haar iets kwalijk.

De voorstelling sluit af met “Danza de la pluma” uit Mexico, waarbij een danseres over haar hele lichaam ornamenten met pinnen van wel meer dan 20 centimeter lang draagt en zich daarbij onder felrood licht geheimzinnig over de vloer beweegt. Daniel Zimmerman is zijn naam als visueel artiest meer dan waardig, zijn werk brengt een indrukwekkende meerwaarde: de chaotische, energieke dansen worden al helemaal excentriek door de gele en blauwe schaduwen op de witte dansvloer.

Mexicaans-Chileens choreografe Amanda Piña en visueel artiest Daniel Zimmerman brengen het beste in elkaar naar boven en bovendien vullen hun talenten elkaar uitstekend aan. Hun voorstelling komt op het goede moment, want begrip voor en inzicht in elkaars culturen hebben we vandaag meer dan ooit nodig.

Naast een kunstzinnig en cultureel meesterwerk doen ze, in zekere zin, ook nobel werk. Wat zij brengen, sterft uit. Zij vertragen deze verdwijning door de tradities en rituelen op een Leuvens podium te brengen.

Ik hoop alvast op een derde deel van Endangered Human Movements.

Wat? Nadaproductions / Amanda Piña, Endangered Human Movements vol.2 // Wanneer?  Di 20 en woe 21 december, 19.00 // Waar? STUK Soetezaal // Prijs? Varieert tussen de 12 en 16 EUR //