Laudate: jubileumconcert LUK in de overtreffende trap

Laudate, wees geprezen, LUK! Wat een overdonderende muziekpracht! Je kan de loftuitingen over het jubileumconcert van het LUK alleen maar in de overtreffende trap schrijven, zo bijzonder indrukwekkend was het concert in de Sint-Jan-de-Doperkerk op donderdag 16 mei 2019. Voor het jubileumconcert én het laatste concert onder leiding van dirigent Koen Vits, nodigde het LUK een orkestensemble uit met leden van het Brusselse conservatorium en het Leuvense Lemmensinstituut. Samen voerden zij voornamelijk werk van Jules Van Nuffel op, maar ook van William Henry Harris, Guy Weitz, Arnold Bax en de speciaal voor dit concert zelfgemaakte LUK-hymne. Zoals gebruikelijk straalde de performance een ongeziene professionaliteit en kwaliteit uit met een overweldigende passie als resultaat. Het stemmen van de instrumenten begint, het koor komt de gang van de kerk opgewandeld, het concert kan beginnen: sit back, relax and enjoy!

cof

© Inge Clerens

Centraal in de avond stond het werk van de Belgische priester-componist Jules Van Nuffel, de favoriet van dirigent Koen Vits. Van Nuffel is misschien geen household name, zijn werk is echter al meerdere keren door het LUK opgevoerd. Deze vernieuwer bracht met mondjesmaat modernistische effecten in de kerkmuziek, die sinds de motu proprio uit 1903 van paus Pius X terugkeerde naar de gregoriaanse en polyfone roots. Het zijn echter deze vernieuwende kleurrijke akkoorden van het impressionisme of de harde effecten van het expressionisme die het werk van Van Nuffel zijn subtiele veelzijdigheid geven. Met aandacht voor details en een muzikale integratie van de betekenis van de Bijbelse teksten—zo gaat de toon naar omhoog wanneer er over een berg wordt gesproken—maken de muziek van Van Nuffel een paradijs voor het oor.

Het eerste werk, Statuit ei Dominus, overdondert met zijn epische en stemmige geheel, terwijl het rebellerende Super flumina Babylonis een zachtere, maar weemoedige totaliteit representeert. De laatste van de twee was in 1916 een gewaagde tekst over onderdrukking tegen de Duitse bezetting. In vergelijking met Van Nuffels muziek vallen de werken van de andere componisten geboren in 1883, William Henry Harris, Arnold Bax en Guy Weitz, een beetje in het niet, maar toch weet het LUK ze met passie over te brengen. Bovendien verdient de orkestrale ondersteuning onder leiding van concertmeester Ebert Rens een bijzondere vernoeming. Het LUK, weten we van alle vorige opvoeringen, kan best alleen de kerk vullen met krachtige muziek, maar samen met het orkest wordt het niveau nog een tikkeltje hoger opgetild. Wanneer zij samen in harmonie spelen en zingen, word je bijna letterlijk van je stoel geblazen.

Na de pauze brengt het LUK hulde aan Koen Vits, de vijftiende dirigent van het koor sinds zijn oprichting. Het LUK is altijd wel voor een grapje te vinden en ook deze keer zit het concert vol met inside jokes, zoals de mastodont van een dirigeerstok of de selfie met orkest en koor. Dat Koen Vits niet alleen dirigent is, maar ook componist, konden we horen in het speciaal voor dit jubileumconcert gemaakte LUK-hymne. De tekst van Cyril Masai, één van de leden van het koor, brengt hulde aan het LUK als niet zomaar een universitair ensemble, maar bovendien een gezellige studentenvereniging die het ook is.

Na het klassiekere werk van Guy Weitz en de heldere en scherpe noten van Arnold Bax, is het tijd voor het meesterwerk van Van Nuffel: het Te deum. Dit bevrijdings-te deum werd geschreven door Van Nuffel op het einde van de Tweede Wereldoorlog met het vooruitzicht op de bevrijding van het Duitse juk. Terwijl de heiligenbeelden in de kerk meekijken, komen de engelenstemmen van het LUK tot volle bloei in de ‘sanctus, sanctus, sanctus’ in het midden van het stuk. Dit lange en epische werk combineert alle krachten die Van Nuffel, het LUK en het orkestensemble konden brengen en was een prachtige afsluiter van een mooi jubileumconcert.

Een oorverdovend applaus, de nodige traantjes bij Koen Vits en een staande ovatie sluiten de avond in schoonheid af. Laudate vos, LUK, het is jullie weer gelukt om een massa volk met religieuze koormuziek te ontroeren!

Laudate – Jubileumconcert 50 jaar Leuvens Universitair Koor / donderdag 16 mei 2019 om 20u30 / Sint-Jan-de-Doperkerk, Groot Begijnhof, Leuven / korting met cultuurkaart

Advertenties

GEZOCHT: Cultuurminnaars met een vlotte pen! / WANTED: passionate culture lovers-writers

Heb je een vlotte pen en een passie voor muziek, dans, film, theater, literatuur of beeldende kunst (of voor alles tegelijk)? Voor CLUB KULTUUR, dé cultuurblog voor en door studenten, zoeken we opnieuw enthousiaste cultuurkaarthouders die graag hun gedacht kwijt willen over allerhande voorstellingen, concerten en expo’s.

Wil je graag je medestudenten tippen over de niet te missen culturele events in Leuven en regelmatig recensies schrijven op de CLUB KULTUURblog in ruil voor gratis tickets? Dan ben jij de m/v die we zoeken.

Stuur voor 30 juni je cv en twee korte stukjes, eentje over jouw culturele passie en eentje over het beste theaterstuk/concert … dat je ooit gezien hebt naar cultuur@kuleuven.be.

_____

Do you enjoy writing and are you passionate about music, dance, film, theatre, literature or the visual arts (or all of the above)? We’re looking for enthusiastic culture card holders for CLUB KULTUUR who would like to discuss and review performances, concerts, exhibitions, etc. for the culture blog by and for students.

Do you want to tip your fellow students about unmissable cultural events in Leuven and regularly write reviews on the CLUB KULTUUR blog in exchange for free tickets? If so, you are the m/f we’re looking for.

Please send your CV and two short writing samples – one about your cultural passion and one about the best play/concert, etc. that you have ever seen – to us at cultuur@kuleuven.be by 30 June.

EPOS: gezellig schuifelen tussen filmmuziek en improvisatietheater

In het kader van hun lenteconcerten presenteerde het Arenbergorkest onder leiding van dirigent Roel Willems een programma waarbij filmmuziek centraal stond. Improvisatiegroep Preparee reeg de muziekstukken aan elkaar met een ludieke act over geiten, een pantoffelheld en een Duitse zeppelin.

De avond ving aan met de muziek van Star Trek Into Darkness (2013) van de Amerikaanse componist Michael Giacchino, dat gekweld werd door een ietwat rommelig begin. Hierna leek het collectief van een negentigtal muzikanten elkaar meer te vinden en Willems hield zijn muzikanten voor de resterende avond strak in het gelid. Vervolgens destilleerden de acteurs van Preparee de bouwstenen voor hun verhaal uit de input van het publiek, wat resulteerde in een fictieve futuristische setting in de Verenigde Staten, waar de stedelijke centra opgedeeld zijn in verschillende secties en iedereen een persoonlijke vliegmachine bezit. De pantoffelheld Norbert heeft zich nog nooit buiten de stad gewaagd, vult zijn dagen met geiten voederen en bloemen plukken, en worstelt, hoe kan het ook anders, met vliegangst en een zwak voor zijn trouwe gezellin Femke.

Na deze introductie vervolgde het Arenbergorkest met de Bacchanale: Samson and Delilah (1877) van de Franse musicus Camille Saint-Saëns. In de eerste maten voerde de hobo de toon, gevolgd door het gejaagde thema van de strijkers, dat hierna gedubbeld werd door het volledige orkest. Het ensemble vervolgde met het tweede en derde deel van de Capriccio Espagnol (1887) van de Russische componist Rimsky Korsakoff. Deze vijfledige suite heeft als inspiratiebron enkele levendige Spaanse volksmelodieën, wat het muzikale collectief voortreffelijk overbracht naar het publiek. Ondertussen naderden donkere wolken richting Norbert: de antagonist met een zwaar Duits accent en zijn assistente hebben vanuit hun zeppelin een plan gesmeed om de omgeving te verwoesten en er een nieuwe stad te bouwen. Hiervoor vernietigden zij alle bloemen en eigenden zich alle geiten toe, wat aan de hoofdrolspeler geenszins onopgemerkt voorbijging.

Het laatste werk voor de pauze ging ontegensprekelijk met de meeste aandacht lopen: de ouverture van Leichte Kavallerie (1866) van de hand van de Oostenrijkse uitvoerder en componist Franz von Suppé in een Disneyversie. Begeleid door de projectie van oude Mickey Mouse sketches, pastiche koperblazers en knutselig slagwerk toonde het Arenbergorkest zich van haar meest komische kant.

Na de onderbreking hervatte het muzikale collectief met het ingetogen Freischütz Ouverture (1820) van Carl Maria von Weber, dat sterk contrasteerde met het daarop volgende Two Towers van Lord of the Rings (2002) van Howard Shore. Preparee intervenieerde wederom met enkele kluchtige dialogen tussen Norbert, Femke en hun tegenspelers, om tot slot te besluiten met de aloude boodschap dat angsten te overwinnen zijn mits er bevestiging van de liefde in het vooruitzicht staat. Het Arenbergorkest sloot af met de grandioze opvoering van The Curse of the Black Pearl (2003) van Klaus Badelt, wat de overwinning van de pantoffelheld ironisch genoeg nog uitvergrootte.

Lenteconcerten van Arenbergorkest in PDS op 12/05 en 13/05. 

https://arenbergorkest.be/nl/

 

Faces on TV met een powerset in het Depot

Vrijdagavond (3/05) gaf Faces on TV een laatavondconcert in het Depot. De show heette dan ook ‘All Night Funeral’, naar het gelijknamige album ‘Night Funeral’ dat vorig jaar uitkwam. Frontman Jasper Maekelberg maakte van dit soloproject een dansbare plaat met een eigen stempel.

De show begon met Looking Glass, dat al meteen een shot in de roos was. Hoewel hij een gevarieerde band mee had en met vele live klanken speelde, waren de blazers spijtig genoeg enkel op tape te horen… Dancing After All deed het publiek losgaan, en het extreem-dansbaar deuntje van Call Me Up deed daar bijlange niet aan onder.

DSC_0838.jpg

De show werd onderbroken door een intiem momentje, waarbij de band het podium verliet en Maekelberg alleen over bleef om Tell Me te brengen. De show kende hier zeker geen hoogtepunt, maar door het uitrekken van de instrumentale stukken in het nummer bracht hij wel een soort van geheimzinnige en transcendentale sfeer over.

‘The Image of Boy Wonder’ was dan weer wel een van de hoogtepunten in de set. De kwaliteiten van pianiste en duizendpoot Dienne Bogaerts kwamen meer dan eens tot zijn recht. De tweede stem, dwarsfluit, … tilde het nummer naar een hoger niveau en maakte de show eens zo intens. Een meerwaarde voor de liveband!

De show werd alleen maar groter en grootser. Suspicious, een nummer dat wel heel hard aan Warhaus doet denken, werd een groot feest met drie nieuwe gasten. Deze keer hoorden we de blazers wél live. Niemand minder dan de leden van Balthazar zorgden voor deze epische bijdrage. Maarten Devoldere, gekleed in een bontjas over zijn blote borst, Simon Casier en Michiel Balcaen toverden samen met de band het Depot om in een bovenaards dansparadijs.

DSC_0879 (2).jpg

Als bisnummers volgden nog Terminal Cas en Love/Dead, wat beide ongelooflijk sterke nummer zijn. Hoewel het één van de weinig zaalshows van Faces on TV was in Vlaanderen, haalden ze niet het grote publiek naar de zaal. Dat hield Maekelberg en co niet tegen om het beste van zichzelf te geven en een grandioze show neer te zetten. Nog een dikke pluim voor het licht!

DSC_0921.jpg

Op zweeftocht met The Bony King of Nowhere

Reeds 10 jaar is Bram Vanparys al bezig aan zijn opmars in het Belgische muzieklandschap. Maandag toonde hij dat hij al ver is geraakt, ‘echt cool’ zo zei hij zelf. The Bony King of Nowhere bracht zijn nieuwste plaat ‘Silent Days’ mee naar het Depot en trachtte de zaal te overtuigen van de kracht van dit album.

Een resem aan innemende nummers bracht rust in de zaal met een veelheid aan muzikale impulsen die de zaal zorgvuldig wist te vullen. Stilzwijgend en geconcentreerd keek het publiek naar de show die Vanparys samen met zijn band neerzette. Achter de gitaar, piano, … zagen we een oude bekende: Gertjan Van Hellemont, het brein achter Douglas Firs. Ook de andere gitarist en de nieuwe drummer vervoegde Vanparys op het podium.

Afbeelding kan het volgende bevatten: een of meer mensen, mensen op toneel, mensen die muziekinstrumenten bespelen en nacht

De teksten van Vanparys komen prachtig tot zijn recht in deze stille setting. Net omdat de teksten niet extreem poëtisch of ver gezocht zijn, word je als luisteraar meegetrokken in een emotionele reis door de gedachten van de zanger. ‘Waiting for your sign’ als één van de hoogtepunten van het album komt dan ook als een klepper binnen.

De show wordt ‘onderbroken’ door een ongemakkelijk praatje van de zanger en drie solo nummers van vorige platen. Hoewel de akoestische vibe wel goed zat, mistte de grootsheid van de band. Vanparys maakte het even gezellig, maar eerlijk gezegd was verdwalen in de waas van Silent Days nog mooier.

Afbeelding kan het volgende bevatten: 1 persoon, op podium, een muziekinstrument bespelen en gitaar

De show werkte toe naar ‘Like Lovers Do’, zo vertelde Vanparys zelf. Een prachtig 6 minuten durend nummer van het laatste album dat ons op plaat al omver blaast. Live deed hij er nog een schepje boven op. Het nummer werd ergens in het midden onderbroken door een prachtige rust, waarbij de vingers van de zanger zachtjes de gitaarsnaren streelden en een hartverwarmende klank uit de boxen sijpelde. Exact op dit moment besefte ik weer waarom live concerten zo veel meer te bieden hebben dan een plaat.

Wanneer het publiek na dit nummer lang genoeg bleef klappen, kwam hij terug. Vanparys biechtte ons op dat hij helaas zijn oude nummers vergeten was en weinig nog kon spelen. Dan begon hij toch maar aan ‘Eleonore’, een eenvoudige oorwurm van het gelijkgenoemde album uit 2011. Ondanks dat de reeds eerder gespeelde akoestische nummers mooi waren, maar me niet omver bliezen, deed Eleonore dat wel.

The Bony King of Nowhere is terug, en hij heeft zijn sound gevonden.

The Bony King of Nowhere – Het Depot – 29/04/2019

Bigband meets Symphony: USO goes jazz

Onder het juk van een druilerige motregen haastte ik me afgelopen donderdagavond gezwind richting Gasthuisberg. Het podium van het centraal auditorium bleek er een voorbode van een wel erg speciale bezetting: Bigband meets Symphony. Op het programma pronkt, naast de alom bekende naam van Amerikaans componist George Gershwin, ook die van Vlaams jazztrompettist en componist Bert Joris. Een ietwat minder bekend terrein voor het Leuvense studentenorkest, zo zeggen ze zelf. Waar ze bij vorige concerten eerder het klassieke repertoire bij de hand namen, dwingt de combinatie met de VRT Bigband hen nu om zich moedig in de zwoele regionen van de jazz te wagen. En ook dat doen ze alweer met ontzettend veel verve.

 An American in Paris

In An American in Paris wandel je als luisteraar goedgemutst door de straten van het 20ste-eeuwse Parijs. Het werk is een woelige rollercoaster waarin een bont lappendeken aan verschillende klankschilderingen je soepel van het ene rumoerige stadstafereel naar het andere brengt. Op bijna tekenfilmachtige wijze neemt het ritme van de muziek je mee in zijn stevige tred op de stoep van een stad die maar niet lijkt te zwijgen. Toeterende taxi’s schallen dwingend door het orkest heen, rustige passages worden abrupt onderbroken door bruuske, spitse ritmiek… Kortom: een levensechte representatie van een grootstad zoals we die ook nu nog kennen.

Het USO slaagt er dan ook erg goed in de bedrijvige sfeer van deze muziek overtuigend over te brengen. Met een jeugdige energie en zwierig enthousiasme tokkelen, strijken en blazen de jonge muzikanten verwoed op hun instrumenten. In de spitse, ritmische passages plegen ze soms wat aan strakheid te verliezen, maar dit gaat zeker niet ten koste van hun algemene muzikale spitsvondigheid. Het totaalplaatje is en blijft uitermate animerend en sfeervol en dirigent Edmond Saveniers swingt er hevig op los.

Walkin’ Tiptoe

Net voor de pauze maakt het orkest plaats voor de VRT Bigband, een jazzorkest louter bestaande uit personeelsleden van de VRT. Dirigent Dree Peremans komt met knalwitte sneakers gestaag het podium opgewandeld terwijl de leden van de band, in volle concentratie, hun eerste korte, ritmische motiefje uit hun instrumenten blazen. Vanaf de eerste seconde is ook deze muziek uiterst sfeervol. De muzikanten stralen een ongelooflijke knowhow en gezonde zelfzekerheid uit. Hun bijna constante ritmische strakheid en bewonderenswaardig gevoel voor timing doen Joris’ compositie zonder twijfel eer aan. Neem daar nu nog enkele zwoele trombone- en trompetsolo’s bij en het resultaat is een bedwelmend en meeslepend geheel.

Bigband meets Symphony

Na de pauze ontmoeten de bigband en het symfonieorkest elkaar nu écht. In Anna zet een jonge trompettist van het USO een slepende, melancholische melodie in. De piano breekt treurig enkele korte akkoordjes en het lijkt wel of de weemoed van het druilerige weer langzaamaan binnensloop. Wanneer ietsje later het orkest en de bigband zich samenvoegen en Peremans zich opnieuw bewijst in een sensuele solo merkte ik tevreden op dat de bezetting, die eerder ongewoon en bizar had geleken, toch doeltreffend het tegendeel bewees. Net hetzelfde voor Joris’ tweede werk Dangerous Liaison. Symfonieorkest en bigband gaan er hand in hand en samen creëren ze onophoudelijk een kleurrijk klankentapijt. Ook het bisnummer is er eentje van Bert Joris. Alone at last. Een erg toepasselijke titel voor een slot als je het mij vraagt.

Bigband meets Symphony 25-04-2019

©VRT Bigband

Bigband meets Symphony | USO | donderdag 25 en vrijdag 26 april 2019, 20:30 | Centraal Auditorium Gasthuisberg | niet-studenten: €10; studenten/ -18j: €5; cultuurkaart: €4