GEZOCHT: Cultuurlovers (m/v/x) met een scherpe pen!

Ben je dol op muziek, dans, beeldende kunst, film, theater, literatuur (of dat alles tegelijk)? Sta je na een concert, performance, boek of expo te popelen om je oordeel met anderen te delen? Heb je een scherpe pen die je liefst nog wat zou aanslijpen?

CLUB KULTUUR is onze cultuurblog voor en door studenten met een cultuurkaart. Je leest er tips, recensies, voorbeschouwingen en interviews met grote en iets minder grote namen.

Heb jij goesting om volgend seizoen ons team te versterken? In ruil voor je mening krijg je gratis tickets. Ook kan je deelnemen aan een reeks workshops waarin je feedback op je werk krijgt.

Lijkt jou dat wat? Stuur voor 3 oktober twee korte stukjes (max. 400 woorden) naar cultuur@kuleuven.be. In het eerste bespreek je een concert, performance, boek of tentoonstelling naar keuze. In het tweede maak je ons warm en leg je uit wat kunst en cultuur voor jou betekenen. Voeg tot slot je cv toe zodat we weten wie je bent en wat je studeert.

Expo Overlap: The no man’s land between art and science

BAC ART LAB: vroeger het instituut voor bacteriologie, vandaag het prachtige gebouw dat een thuis biedt aan heel wat kunstenaars uit verschillende disciplines van de KU Leuven. Ook de reizende Expo Overlap mag zich nog tot 30 juni nestelen in het goedbewaarde erfgoed en presenteert vijftien ontmoetingen tussen kunst en wetenschap. De met gele steentjes betegelde gevel en het overvloedige zonlicht dat zich binnen de exporuimtes vestigt vormt in combinatie met de geschiedenis van het instituut voor bacteriologie dus de ideale ruimte voor deze interdisciplinaire tentoonsteling. Een ideaal neutraal terrein dus. Een niemandsland waar iedereen thuiskomt.

De expo is een selectie uit de vele werken die in het boek ‘Opverlap: The no man’s land between art and science’ zijn opgenomen. Dat zijn er 52 op precies te zijn, aangevuld met 12 essays. Niet toevallig zijn dit respectievelijk het aantal weken en maanden in één jaar: het boek vormt als het ware een kalender die op elke dag, elke week, elk seizoen zorgt voor een ontmoeting tussen kunst en wetenschap, een vakoverschreidend project dat inspireert en verwondert.

Het eerste werk dat je ziet is dat van Ugo Dehaes en zal je misschien nog het langste bijblijven, al is het dan maar in je dromen. Deze onvoorspelbare, lichtgevende, octopusachtige tentakel stelt een dansende stalaciet voor. “Stalactieten bewegen niet, maar zijn wel gevormd door beweging.” Zo wil de vindingrijke choreograaf zijn stempel drukken op de lange geschiedenis van beweging en ook schijnbaar vaste objecten choreograferen en doen danse., dit steeds met een grote fascinatie voor wetenschap. De zoektocht naar het analytische van kunst en de esthetische kracht van wetenschap vormt ook de hele verdere expo: schoonheid wordt gevonden in de twijfel, het willen weten en het samenbrengen van twee paden die feitelijk hetzelfde eindpunt willen bekomen.

Doorheen de verschillende oude, witbehangen gangen staat er af en toe een deur voor je open die je uitnodigend aankijkt. Achter één van die deuren vind je het werk van kunstenares Katelijne De Corte. Zij vroeg aan microbiologe Sarah Lebeer of en herinnering tastbaar gemaakt kon worden. En zo ja, hoe dan? De jeans die in de kleine, witte ruimte ligt heeft een gat ter hoogte van de dijen. Het stuk waarop haar geliefde voor het laatst op haar schoot lag en stierf, laat nu ook in de marineblauwe broek een leegte achter.

Onbedoeld bevond Katelijne zich met haar vraag op het terrein van de nieuwste inzichten in de microbiologie. Uit onderzoek blijkt namelijk dat mensen een voortdurende uitwisseling van bacteriële organismen onderhoudt met elkaar en haar omgeving. “Hoe groter de nabijheid, hoe groter de uitwisseling van materiaal. Het DNA dat bij deze uitwisselingen betrokken is, kan soms zelfs nog geruime tijd aanwezig blijven.” Deze uitwisselingen zouden met andere woorden dus een uitgangspunt kunnen vormen om een soort tastbaar geheugen te verwerven, om herinnering opnieuw aan te raken. De symboliek in dit kunstwerk doet zwijgen en toont ongefilterd onze kwetsbaarheid als mensen, ons eeuwige verlangen naar wat voorbij is en nooit meer zal komen. Eén van de krachtigste werken uit de tentoonstelling.

De expo gaat door. De omvang van het aantal mogelijkheden die een samenwerking tussen het analytische en het esthetische kunnen voortbrengen wordt duidelijker per werk dat u bekijkt. Pijlen van gekleurde plakband brengen u langs kandelaars met meerdere gezichten, kleine en grote eieren en ongebakken rivierkleivissen. Die laatsten liggen nu nog mooi te wezen op het gele zand, maar zullen weldra terug vrijgelaten worden in urbane wateren, waar ze opnieuw versmelten met het water, een project van Karel Verhoeven.

Gedurende de hele reis door het gebouw valt het zonlicht haast perfect op de vele werken, als spotlights die ze elk appart doen oplichten, zo ook in de laatste zaal. Een verzameling van de laatste werken doet u van links naar rechts en weer terug bewegen. Elk kunstwerk wekt evenveel nieuwsgierigheid op, elk project doet je glimlachen vanwege de vindingrijkheid en de spanning tussen zowel de gelaagde symboliek en het soms kinderlijke, ongedwongen uiterlijk van de werken. Deze expo roept vragen op, geeft ook enkele antwoorden, maar laat je vooral achter met het gevoel dat er nog zoveel meer mogelijk is. Opnieuw begint alles bij ontmoetingen, bij een aanraking, een zoektocht naar elkaar.

De gratis Expo Overlap is nog te zien tot 30 juni in BAC ART LAB in Leuven en is daarna nog te bezichtigen in Brussel, Gent en Hasselt. Deelnemende kunstenaars zijn Nicolas Baeyens, Ann Bessemans, Louis De Cordier / Cosco, Katelijne De Corte, Ugo Dehaes, Annelys de Vet, Kasper De Vos, Lodewijk Heylen, Robbert&Frank Frank&Robbert, Athar Jaber, Christina Stuhlberger, Kevin Trappeniers, Karel Verhoeven, Karen Vermeren, Dirk Zoete.

GEZOCHT: Cultuurlovers (m/v/x) met een scherpe pen!

Ben je dol op muziek, film, theater, dans, literatuur, beeldende kunst (of dat alles tegelijk)? Sta je na een concert, performance, boek of expo te popelen om je oordeel met anderen te delen? Heb je een scherpe pen die je liefst nog wat zou aanslijpen?

CLUB KULTUUR is onze cultuurblog voor en door studenten met een cultuurkaart. Je leest er tips, recensies, voorbeschouwingen en interviews met grote en iets minder grote namen.

Heb jij goesting om volgend seizoen ons team te versterken? In ruil voor je mening krijg je gratis tickets. Ook kan je deelnemen aan een reeks workshops waarin je feedback op je werk krijgt.

Lijkt jou dat wat? Stuur voor 4 juli twee korte stukjes (max. 400 woorden) naar cultuur@kuleuven.be. In het eerste bespreek je een concert, performance, boek of tentoonstelling naar keuze. In het tweede maak je ons warm en leg je uit wat kunst en cultuur voor jou betekenen. Voeg tot slot je cv toe zodat we weten wie je bent en wat je studeert.

Transit: elk hoofdstuk een nieuw begin

Op aanraden van Saskia de Coster lazen we op 21 maart Transit van Rachel Cusk in de boekenclub van de KU Leuven. Het boek zit vol levenslessen en verhalen van gewone mensen die je ontdekt met een bijna akelige en emotionele afstand van het ik-personage. Het boek is het tweede deel van de Feye trilogie, maar kan prima apart gelezen worden.

In Transit volgen we een schrijfster die net in Londen is gaan wonen samen met haar kinderen, al zet ze die al snel af bij hun vader omdat zijzelf met de renovatie van haar nieuwe appartement begint. Doorheen het boek ontdekken we verhalen van gewone mensen die hun emoties op tafel leggen. Hoewel je de schrijfster zelf niet leert kennen, kun je op basis van de ander verhalen erachter komen wie het hoofdpersonage niet is.

Transit - Rachel Cusk - De Bezige Bij
Uitgeverij: De Bezige Bij

In het begin moest ik zelf even wennen aan het perspectief dat Cusk gebruikt om ons in het leven van de schrijfster te zetten. De lezer is niet de bestuurder, maar de passagier in dit verhaal. In het verhaal maak je dan ook kennis met negen personages die elk hun eigen ervaringen met de schrijfster delen. Je ontdekt verdriet en blijdschap op verschillende manieren, maar ervaart ook ongemakkelijkheid.

Rachel Cusk laat haar hoofdpersonage vaak afstandelijk overkomen, al stopt ze er ook goede levenslessen in. Ze heeft een filosofische gedachtegang die menselijk en zelfzeker is. Zo vraagt ze aan een studente schrijfster die over een specifieke kunstenaar wil schrijven of ze wel zo zeker is van haar onderwerp. Zou ze nog steeds over hem willen schrijven als het toeval een andere kunstenaar voor haar had uitgekozen?
Ze laat haar gevoelens dus noch aan haar gesprekspartner noch aan de lezer zien. Hoewel dit voor bepaalde spanning zorgt, komt het soms emotieloos over. De afstand gaat verder, want als haar kinderen aan de telefoon wenen, lijkt ze er heel nuchter mee om te kunnen gaan.

Ook is er sterke symboliek aanwezig in dit verhaal die je ontcijfert als je er verder over nadenkt. Soms moet de lezer het boek gewoon eens laten rusten zodat hij er een nachtje over kan slapen om het te laten bezinken.

Aan de ene kant is het jammer dat we het hoofdpersonage niet beter leren kennen door het verhaal heen. Ze deelt wel enkele ervaringen, maar verder dan dat gaat het niet.

Of ik de twee andere boeken ga lezen, weet ik nog niet, maar in de boekenclub heb ik er wel verder over kunnen nadenken. Het was inspirerend en aangenaam om over hetzelfde boek met verschillende inzichten te kunnen ervaren. Iedereen leest het boek op zijn eigen manier en dat was zo uniek aan de bespreking.

Beton om te bewonderen

Dat beton meer is dan een grijs bouwmateriaal, toont de nieuwe publicatie van Stad en Architectuur. Die heeft de vorm van een kaart waarmee je langs het mooiste beton van Leuven kunt wandelen. De kaart laat je niet alleen nieuwe plekken zien, maar doet je ook anders kijken naar gebouwen waar je elke dag voorbij loopt.

Beton is overal, al zie je dat lang niet altijd. Het materiaal, vaak verscholen achter muren en onder daken, stut vandaag ongeveer elk gebouw waarin we rondlopen. Toch inspireert het alledaagse bouwmateriaal tot allerminst alledaagse experimenten. Ook in Leuven.

Met de nieuwe kaart van Stad en Architectuur, die je gratis kunt afhalen, kun je die betonnen creaties gaan ontdekken. Veertien zorgvuldig uitgekozen projecten tonen dat betonnen bouwwerken lang niet altijd troosteloze woonblokken of bouwvallige bruggen zijn, maar wel ingenieuze constructies of kunstige sculpturen – of beide tegelijk.

Oude brouwerijen

Het oudste betonexperiment op de kaart is De Hoorn. Vandaag huist het pand hippe bedrijfjes en een restaurant, vroeger werd er Stella gebrouwen, in een toen revolutionair (want verticaal) productieproces. Het gebouw uit de jaren 20 verbergt een constructie van betonnen liggers waarvan ingenieurs vandaag nog opgewonden raken (betonnen vierendeelliggers, voor de fijnproevers).

Dat je die constructie vandaag kunt bewonderen, is te danken aan 360 architecten. Het bureau werkte de zuidgevel open met een betonnen raamwerk en zorgde binnen voor indrukwekkende uitsparingen die het erfgoed een nieuwe dimensie geven.

Lees verder onder de foto.

© Filip Dujardin

Nog niet verbouwd – maar wel een omweg waard – zijn de betonnen cilinders even verderop. De silo’s, vroeger ook van Stella Artois, zijn ongewild een landmark geworden aan de noordkant van de stad. Binnenkort zouden ze er wel eens heel anders uit kunnen zien, wanneer XDGA ze gaat verbouwen tot de opvallendste woontoren van Leuven.

Expressief modernisme

Een selectie van betonnen bravoure kan niet om de modernisten heen. In de jaren 70 ontwierp Renaat Braem, waarschijnlijk de grootste modernist van ons land, hoge torens voor Sint-Maartensdal. De woonblokken moesten aan zoveel mogelijk mensen onderdak geven. En dat mocht gezien worden. De torens zijn even berekend als expressief: de futuristische antennemast bepaalt vandaag nog de Leuvense skyline.

Al even expressief – en niet minder onbesproken – zijn de brutalistische gebouwen uit die periode, zoals Alma 3 en het Erasmushuis. Het brutalisme leverde de karakterkoppen van de naoorlogse architectuur. Het onafgewerkte beton (béton brut) verbergt een intrigerende schoonheid – al zie je dat niet meteen.

Hoewel ze er oorspronkelijk moeten hebben uitgezien als vreemde ruimteschepen in een park, worden hun harde karaktertrekken vandaag verzacht door de natuur. Het beton van Alma 3 verweert steeds meer en klimplanten overwoekeren de trappen van het Erasmushuis. Het zijn de toekomstige ruïnes van grote dromen.

Natuurlijk beton

Ook recente projecten onderzoeken de grens tussen beton en natuur. De kaart leidt je bijvoorbeeld langs het Sluispark, waar OKRA betonnen stroken door het grasveld trok. Het beton, dat een stuk boven het maaiveld uitkomt, fungeert als fietspad of als bank en geeft een podium aan het alledaagse leven.

In park Belle-Vue bouwde Binst een flatgebouw dat de relatie met het park aangaat door zijn vorm en kleur over te nemen. Dat levert een intelligente mise en abyme op, die niet alleen op een grondplan maar ook in het echt in het oog springt.

Lees verder onder de foto.

© Anja Van Eetveld

Het hoofdkwartier van DMOA onderzoekt de relatie tot de natuur in het beton zelf, dat ruw en manueel is aangestampt. Het effect is knap: vanop een afstand lijken de muren uit natuursteen gehouwen. Het gebouw verbergt trouwens nog een bijzondere spielerei, die ik hier niet zal verklappen. Loop er maar eens langs, dan hoor je het wel.

Betonnen beeldhouwwerken

De beste vondsten van de redacteurs zijn twee trappen. Op het terras van M staat een trap die op z’n kant is gezet. Met die eenvoudige ingreep transformeerde Hannes Van Severen een alledaagse trap – het is zo’n trap die je op elke werf ziet liggen – tot een beeldhouwwerk. Wie ernaar kijkt ziet geen trap meer, maar een lichaam, een danser verwrongen in een zijwaartse beweging.

Een al even onopvallende trap vormt het basiselement van de vluchtkoker van het rectoraat. Om een hoge vluchtcapaciteit te realiseren, vlochten LAVA en Bogdan & Van Broeck verschillende betonnen trappen in elkaar. Dat bleek niet alleen een slimme technische oplossing, het leverde ook een verbluffende ruimtelijke sculptuur op waarin je kunt blijven rondlopen. Als de deuren van het rectoraat weer openstaan, moet je dat zeker eens doen (ook het uitzicht over de stad loont de moeite).

Maar de mooiste betonsculptuur van Leuven heeft de selectie niet gehaald. Dus hier nog mijn tip: ga – zodra het weer kan – naar een voorstelling in het STUK en bewonder de betonnen wanden van de Soetezaal. De architecten van Neutelings Riedijk gaven het beton de vorm van een wapperend gordijn, bevroren in de tijd. De wand laat zien dat beton over de mogelijkheden van marmer beschikt.

Als gegoten | Stad en Architectuur | De digitale versie vind je hier, de geprinte versie kun je gratis bestellen of afhalen bij Visit Leuven (Naamsestraat 3).

Bitterzoete dromen van verre muziekzomers: Eefje de Visser

Met de even intieme als overdonderende concertfilm Bitterzoet vult Eefje de Visser de leegte waarin haar gelijknamige laatste album strandde. En een beetje van die leegte verandert ze – op haar eigen poëtische manier – in net genoeg witruimte om ons te doen uitkijken naar meer.

2020 had hét jaar van Eefje de Visser moeten worden. In januari lanceerde de Nederlandse singer-songwriter haar vierde album Bitterzoet, dat met de ene viersterrenrecensie na de andere meer dan ooit deed uitkijken naar een live tour vol superlatieven. Gelukkig wil het toeval dat ze er al van droomde om een concertfilm te maken voordat you-know-what daar een noodzaak van maakte. En de witte muren van haar Gentse appartement annex studio, met nonchalant neergezette kisten lp’s en piepschuimen sculptuurtjes, ademen overtuigend de sfeer van haar muzikale identiteit.

Online concerten doen me altijd anticiperen op een zekere tristesse. En ik geef het toe, bij Eefje de Visser nog iets meer dan gewoonlijk. Resoneren haar lyrics, die wel vaker vorm geven aan de grijze zone tussen eenzaamheid en geborgenheid, nog wel op dezelfde manier na een jaar isolement? En hoe valt een song zoals De Parade, die gemaakt is voor eindeloze nachtelijke wandelingen in fijn gezelschap, te rijmen met de reflectie van mijn hoofd in mijn computerscherm? Maar mijn twijfels worden al snel weggespoeld door de ongeziene energie en inleving in deze uitvoeringen. Comfortabel switchend tussen piano, gitaar en bas stelt ze niet alleen de Bitterzoet-songs voor met een tienvoud van de kracht die in de albumversies zit, ook enkele kleppers van haar vorige album Nachtlicht passeren de revue. De Fleetwood Mac-vibe van Jong wordt heerlijk aangevuld met een ijl acapella-begin en culmineert in een wervelende synthssolo. Wie een grens wil trekken tussen de folkpop van haar oudere repertoire en de elektronische sound waarnaar ze met de jaren evolueerde, is eraan voor de moeite, alles loopt op een verfrissende manier in elkaar over.

Daarnaast doet Bitterzoet alle eer aan beide delen van de samenstelling concertfilm, want Eefje de Visser haalt alles uit het medium wat eruit te halen is. De zwarte silhouetten van de muzikanten in het witte decor en de talloze close-ups op hun handen zijn een perfecte echo van de ijle synths en dat beetje rauwheid waarmee ze overgoten zijn. Tijdens de meer up-tempo nummers baadt de studio in een schemering met neonlampen op de grond, en met haar achtergrondzangeressen waagt ze zich aan een choreografie van minimalistische handgebaren. Tegelijk worden de ruwe randjes van de muziek allerminst glad gepolijst. Niet alleen is de uitvoering van de nummers veel energieker dan de albumversies, de sprankeltjes interactie tussen de muzikanten en stemmende gitaren tussen de songs door geven het geheel ook een ontwapenende authenticiteit.

Bitterzoet is een pareltje dat je terug katapulteert naar warme zomeravonden, tipsy op een terras met een warme wind die over je schouders blaast. Of net vooruit, naar het verwachtingsvolle geroezemoes van een live concert waarvoor deze songs gemaakt zijn. Voorlopig blijft het bij met roodgelakte nagels op blote voeten over je tapijt dansen, net zoals Eefje. De melancholie die me na de aftiteling overvalt, neem ik er met plezier bij.

De concertfilm Bitterzoet kan je hier streamen op Dalton, het online filmplatform van Cinema ZED.

Georgië, waar Vrouwen al Millennialang de Hoofdrol spelen

Recensie: Jason en het Gulden Vlies van Apollonius van Rhodos en De Ridder in het Pantervel van Shota Rustaveli

Een beetje historische context, omdat dingen weten fijn is

Een klein landje genesteld tussen de Noordelijk en Zuidelijke Kaukasus, op een kruispunt van niet alleen grote culturele machten, die van Rusland, Turkije en Iran, maar ook de overgang tussen Europa en Azië. In deze turbulente buurt is ondanks alles het gastvrije Georgië al duizenden jaren een verborgen parel. 

Drievuldigheidskerk van Gergeti

Ten tijde van het Griekse Rijk verkenden dappere zeevaarders de Mediterrane wateren. Toen stond Georgië bekend als Colchis, en huisde het de koningin-tovenares Medea.

Medea

Het is de derde eeuw voor Christus, Alexander de Grote is net dood, zijn rijk verbrokkeld, en in Alexandrië besluit de lokale bibliothecaris van dienst, Apollonius van Rhodos, één van de belangrijkste epische werken van de klassieke periode te schrijven; Jason en het Gulden Vlies, ook wel gekend als de Argonautica.

Na een lange en gevaarlijke tocht meren de vijftig Griekse helden aan in Colchis, daarheen gestuurd door een wrede koning, die hen de opdracht geeft het Gulden Vlies te bemachtigen, maar eigenlijk hoopt dat hun leider Jason daar de dood vindt. Aangekomen blijkt de plaatselijke koning niet erg gastvrij, en hij weigert het Gulden Vlies zomaar af te staan. Hij bedenkt een onmogelijk taak, waarna als volbracht zij huiswaarts mogen wederkeren met de prijs. 

Met moed in de schoenen betreuren de helden hun bitter lot, wanneer de machtige Medea, koningin en tovenares, hen tot hulp schiet. Met haar kruiden en magische dranken tovert zij Jason om tot een bronzen man, onschendbaar en ontrefbaar. Zo verslaat hij de vuur blazende stieren en bevecht hij de uit de grond ontsproten legers van de koning. Later beklimt Medea met hem de hoge noordelijke bergen, waar een eeuwenoude draak waakt over het Gulden Vlies. Met haar blik dwingt zij het woeste beest tot slapen, zodat Jason in haar schaduw kan vluchten met het Vlies.

Medea, van Frederick Sandys

Het 2300 jaar oude werk leest niet erg vlot, maar het is een schat aan culturele en geschiedkundige informatie, vergelijkbaar met de Homerische werken. Het leert ons over één van de meest interessante vrouwelijke figuren van de klassieke mythologie.

Nog wat historiek, maar hopelijk niet te veel

De twaalfde eeuw was voor Georgië de Gouden Eeuw. Het rijk was groter dan ooit en cultuur bereikte eveneens een hoogtepunt. Aan het roer van deze periode stond niemand minder dan Koningin Tamar. Zij wordt geprezen in eigentijdse kronieken door klerken en schrijvers die, soms impliciet, maar vaak ook expliciet, hun hart verloren hadden aan Tamar. Naar hun zeggen schonk ze haar rijkdom aan de armen, liet ze weeshuizen bouwen voor de door oorlog ouderlozen en bestrafte ze schuldigen op humane wijze, ‘geen zweepslagen werden toebedeeld zolang Tamar regeerde.’

Nadat ze haar eerste echtgenoot, een wodka drinkende Rus, buiten stampte, huwde ze haar jeugdliefde David. Eén van haar vele (ongelukkige) liefhebbers was Shota Rustaveli, die niet zijn liefde aan haar kon wijden, en in plaats daarvan het belangrijkste Georgische boek voor haar schreef. Al eeuwenlang wordt per traditie dit werk bij de bruiloft aan de verloofde geschonken, om haar een sterke vrouw als voorbeeldfiguur te geven.

Georgië rond 1200

Tinatin

Kroonprinses Tinatin, zo verbluffend en stralend mooi dat zelfs de zon bij haar aanzicht verbleekt, stuurt haar minnaar Avtandil de wereld in, op zoek naar de mysterieuze Ridder in het Pantervel (tevens de titel van het werk), die haar vader, de koning, onrust bezorgt. Na vele avonturen in Arabische woestijnen, Iraanse bergen en Indische steden komt aan het licht dat de gezochte ridder, Tariel, een verstoten Indische prins is, al jaren op zoek naar zijn verloren liefde. 

Avtandil herkent de brandende hartstocht bij zijn gezworen broeder, en besluit hem koste wat kost te helpen. Samen trekken zij ten strijde tegen de gefantaseerde Kaj demonen, waarna lang verloren geliefden herenigen.

Tariel herenigt met zijn geliefde, Nestan-Darejan

Dit middeleeuwse gedicht van grootse proporties onderscheidt zich van zijn tijd, dankzij de vooruitdenkende sfeer waarin het geschreven werd. De humanistische schrijver viert liefde en vriendschap als hoogste menselijke waarden, maar wijdt daarnaast ook aandacht aan filosofische, politieke en religieuze vragen. 

Besproken werken: Jason en het Gulden Vlies van Apollonius van Rhodos en De Ridder in het Pantervel van Shota Rustaveli

Het leven is een feest, maar je moet wel zelf de slingers ophangen ~ ga ouderwets knutselen en fleur uw kot op!

Auteurs: Amber de Leener en Judith Leferink

Woensdagavond 24 februari, donderdagavond 25 februari (Engels) en woensdagavond 3 maart organiseerde de dienst KU Leuven Cultuur (UUR KULTUUR) een Origami workshop. Tijdens de eerste avond, tussen 20.30 en 21.30 uur, waren ongeveer 30 studenten samen aan het knutselen en ondanks het gebrek aan interactie was het best gezellig om anderen te zien knippen en plakken via zoom. Iedereen ontving de week voor aanvang een pakketje thuis met een informatieblad, 18 papieren in 6 kleuren, een lijmstift en draad. Zelf te verzorgen: een lat, schaar en potlood.

20.30 uur: klaar voor de workshop!

Via een zoomlink (zie onderaan dit artikel) schakelen we om 20.30 uur in, waar we de instructie stap-voor-stap uitgelegd krijgen in combinatie met Els die tegelijkertijd voordoet wat je moet doen. ‘Het is jammer dat je niet met elkaar kunt kletsen tijdens deze workshop’, stelt zij, maar verder is het best vermakelijk om ‘samen’ te knippen en te plakken, en ‘samen’ uit te zoeken wat er fout gaat.

  20.40 uur: de eerste mislukt altijd…?

Na eerst een eigenwijze poging om te knutselen zonder lat, blijkt secuur werken toch een vereiste. En ook het behouden van een brede plakstrook is een tip die ik bij de tweede poging ter harte nam. Na een paar keer oefenen vlotte het steeds beter en in een mum van tijd had ik een prachtige slinger hangen.

21.30 uur: het resultaat! Uiteindelijk staat het best gezellig, zo’n slinger op kot.

De Patrick: Man zkt. hamer

Wanneer Patricks vader en tevens eigenaar van een nudistencamping plotseling sterft, valt alle verantwoordelijkheid op hem. Patrick is echter niet geïnteresseerd in het runnen van de camping. Het enige waar hij om geeft is het terugvinden van zijn recent verdwenen hamer. Zit u alvast op het puntje van uw stoel?

In alle eerlijkheid klinkt “naakte man hopeloos op zoek naar hamer” niet per se als een plot waar je als kijker anderhalf uur in wil vertoeven. Toch is tragikomedie De Patrick de absolute winnaar van de Ensors 2021 binnen haar categorie. De film van Tim Mielants, die eerder al internationaal furore maakte met het regisseren van kwaliteitsseries zoals Peaky Blinders en Legion, sleept maar liefst zeven van haar dertien nominaties in de wacht. 

De eigenzinnigheid van deze film, die koppig weigert in een hokje geplaatst te worden, is ongetwijfeld voor een groot deel verantwoordelijk voor dit succes. De Patrick draait immers om veel meer dan de zoektocht naar een hamer, die in feite slechts als kapstok functioneert waar universele thema’s zoals rouwen, de eigenaardigheden van de mens en zelfacceptatie aan opgehangen worden. Ook de zin van het leven wordt in vraag gesteld: van jongs af aan wordt ons aangeleerd dat je iets moet zijn in het leven en dat je alleen gelukkig kan zijn als je ambitieus bent. Maar wat als je geen ambitie hebt? Wat als je, net zoals Patrick, afstand neemt van de samenleving en perfect gelukkig bent door onbeschaamd jezelf te zijn? 

Een simpele speurtocht groeit snel uit tot een existentiële queeste, gekaderd binnen een herfstig landschap en absurdistische sfeer die doen denken aan Yorgos Lanthimos’ The Lobster. Als kijker word je overmand door een zekere tristesse die met momenten voor een benauwd, bijna onbehaaglijk gevoel zorgt.

Deze zwaarte wordt afgewisseld met subtiele visuele humor: in de achtergrond van Patricks atelier verschijnt langzaam maar zeker een rij aan confituurpotten – geschenkjes van één van de vrouwelijke campinggangers in ruil voor zijn bewezen diensten (lees: seks). Ook de prestatie die Kevin Janssens neerzet als zwijgzame eenzaat die vaak niet door lijkt te hebben wat er rond hem aan het gebeuren is, doet de mondhoeken soms krullen. Hij geeft Patrick een zekere naïviteit en kinderlijke onverschilligheid die ontwapenend werken. 

De mogelijkheid tot sympathie voor het hoofdpersonage eindigt echter hier. Patrick blijft gedurende de film vrij vlak. We komen niets over hem als persoon te weten en krijgen geen enkele vorm van gelaagdheid, verklaring of achtergrondinformatie mee. Waar Patrick aan kleur ontbreekt, wekken excentrieke nevenpersonages die strijden om een zekere hiërarchie op de camping wél interesse op. In het bijzonder Pierre Bokma, de zogenaamde Marlon Brando van de Lage Landen, intrigeert als Herman, een manipulatieve Nederlander met een eigen agenda. 

Tijdens het kijken kan er u naast de 17 kg extra Kevin Janssens tenslotte nòg een klein detail opvallen: iedereen is naakt. In tegenstelling tot andere films, is de blootheid deze keer niet functioneel. Er is geen seksuele connotatie, geen onderliggende betekenis. De film gaat dan ook niet over de nudistencamping, maar over mensen die toevallig op een nudistencamping zitten. De naaktheid is in dit geval een kostuum zoals een ander. Na enkele minuten valt het al niet meer op en wordt het duidelijk dat dit niet het meest interessante aspect aan de film is.

Wil je zelf ontdekken wat voor vlees De Patrick in de kuip heeft, neem dan snel eens een kijkje op https://www.dalton.be

“Hey, you can be my girlfriend outside for two minutes”: Angela Washko over games, feminisme en pick-up artists

“Hey, you can be my girlfriend outside for two minutes”: het lijkt misschien een misplaatst grapje, maar het is wel degelijk één van de pick-up lines die bekende verleidingscoaches aanraden aan mannen om vrouwen te versieren. Angela Washko wil bruggen bouwen tussen deze vertegenwoordigers van de ‘manosphere’ en het hedendaags feminisme. Ze gaat op zoek naar nieuwe fora om te discussiëren over feminisme, gendergelijkheid en de scheefgetrokken machtsstructuren in de media. In de expo ‘A point of view’ verzamelt ze vier eerdere werken van haar, alle vier mediakunst, alle vier even sterke eye-openers.

Het is vrijdagavond. Onze levens laten zich niet langer leiden door een dodelijk virus en je hebt afgesproken met een goede vriendin in een café om de hoek. Je arriveert, maar ze blijkt wat later te zijn. Om de tijd te doden ga je alvast aan de bar zitten en bestel je een drankje. Je kijkt terug richting de tafeltjes in het café om je vriendin te zoeken, maar je kan maar moeilijk iets zien: ‘several men are blocking your view’. Het is de startsituatie van The Game: The Game.

Beeld uit ‘The Game: The Game’

Het café lijkt deze avond décor te spelen voor een workshop ‘vrouwen verleiden’ en je wordt door verschillende mannen aangesproken. Prachtig dreigende muziek van Xiu Xiu begeleidt je in The Game:The Game doorheen intense conversaties met zes cassanovas die jou graag mee naar huis willen nemen: een flatterende, toch vermoeiende gedachte. Je hebt telkens een aantal antwoordmogelijkheden, op die manier kan je zelf het spel sturen en vooral merken hoe hardnekkig deze mannen zijn in het ‘verleiden’ en hoe weinig er eigenlijk naar je replieken wordt geluisterd. Het zijn dan ook niet voor niets technieken en pick-up lines van bekende pick-up artists als Roosh V, die onder andere beweert dat ‘all human resistance can be broken down with enough pressure’. ‘The Game:The Game’ biedt de speler de mogelijkheid om de verschillende verleidingstechnieken te verkennen en om aan te voelen hoe het is om op die manier benaderd te worden, wat voor de ene persoon (lees: man) al verrassender kan zijn dan voor de andere.

Toch wil Washko de pick-up artiesten niet per se in een slecht daglicht brengen, ze wil vooral het perspectief van vrouwen in dergelijke situaties tonen en hen ook helpen dit soort strategieën beter te kunnen identificeren. “Ik denk dat het heel goed mogelijk is om empathisch te zijn tegenover mannen die deze ideeën aantrekkelijk en nuttig vinden voor het opbouwen van vertrouwen om vrouwen te benaderen en te ontmoeten … en toch kritisch te zijn tegen die pick-up artiesten’, aldus Washko.

 © Illias Teirlinck

Naast deze feministische game kan je bij ‘A point of view’ ook terecht voor de videoreeks ‘Heroines with Baggage’. Deze montage van gamescènes is een grappige, maar ook zeer rake illustratie van de karakterisering van de vaak zwakke en onderdanige vrouwelijke personages in videogames. Je ziet een verzameling van geanimeerde vrouwen die uitbarsten in emotionaliteit, angstig zijn, sterven of hun mannelijke tegenspelers om hulp vragen omdat ze te zwak zijn: stereotyperingen die ook vandaag soms nog pijnlijk zichtbaar zijn in media en maatschappij.

Ook in de game ‘World of Warcraft’ kwam de Amerikaanse artieste vaak vrouwonvriendelijke, homofobe, racistische en discriminerende taal tegen. In ‘The Council on Gender Sensitivity and Behavioral Awareness in World of Warcraft’ gaat Waschko als personage in gesprek met andere spelers over hedendaags feminisme, de behandeling van vrouwen in het spel, inclusiviteit en verworven rechten. The Councel was een manier om een veilige plaats te creëren voor spelers die zich buitengesloten of beledigd voelden en heeft ook als doel om andere spelers zich hier bewust van te maken. Op de geprojecteerde beelden zie je dat de gesprekpartners vaak zelf niet weten hoe hard deze stereotypen en beledegingen doorsijpelen in hun gedrag. Het onderdrukkende gedrag is dan misschien ook te wijten structurele ontwerpbeslissingen van het spel, eerder dan aan slechte bedoelingen van hun spelers: iets waar Wascko zich tegen wil verzetten.

De expo laat je daarna niet zomaar achter met deze eerder ludieke pogingen tot bewustmaking. Als je nog niet met je neus op de harde feiten gebotst was, dan zal dat wel gebeuren in het slotwerk van de tentoonstelling. In een twee uur durend interview gaat Wascko in gesprek met Roosh V: ‘de meest beruchte vrouwenhater van het internet’ en pick-up artist, al wil hij zichzelf niet zo noemen. Roosh V is immers meer dan dat, hij is een échte ‘man’: een mannelijke, heteroseksuele, normale man. In 2015 had hij al veertien boeken geschreven over hoe je vrouwen zo snel mogelijk in bed kan krijgen. V moet het niet zo hebben van feministen, of ‘mannenhaters’, en heeft dan ook een heel andere visie op gendergelijkheid dan Washko. Toch schrikt deze radicale visie haar niet af: ze zoekt naar gelijkenissen en compromissen en stelt zich erg bemiddelend op gedurende het hele gesprek, haar geduld en begrip is bewonderingswaardig. Dit ondanks de soms onmogelijke houding van Roosh V, die vooral duidelijk wil maken dat vrouwen maar beter geen stemrecht hadden en dat de wereld de verkeerde kant op gaat met haar Westerse ideeën van ‘gelijkheid’. Een gesprek over ‘dubbele standaarden’, biologisch determinisme en homofobie.

De dominante rode neon verlichting en een muur vol beelden en zinnen uit de game dompelen de bezoeker onder in een totaalbeleving. De vele video installaties maken het echter niet altijd makkelijk om deze volledig te beleven. Door de coronamaatregelen moet je soms best lang wachten voor je een video kan zien en kan het misschien vervelend zijn dat je maar kleine fragmenten kan bekijken van de juist zo boeiende video’s. Toch is ‘A point of View’ een echte aanrader. De thema’s die aan bod komen zijn confronterend, maar daarom juist een heel nodige bewustmaking en goede aanzet om erover te praten: if a conversation is hard, it’s probably the one worth having.

A point of View is nog tot 25/4 te zien in het STUK in Leuven, gratis met cultuurkaart